<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0" xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom">
  <channel>
    <title>Uitspraken Ondernemingsrecht</title>
    <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/</link>
    <atom:link href="https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/feed.xml" rel="self" type="application/rss+xml" />
    <description>Nieuwe uitspraken over Boek 2 BW en bestuurders- en aandeelhoudersaansprakelijkheid, elke werkdag bijgewerkt. Samenvattingen zijn AI-gegenereerd; de uitspraak zelf is leidend.</description>
    <language>nl-nl</language>
    <item>
      <title>Royement hypotheek ontbonden vennootschap; voortbestaan na turboliquidatie ex artikel 2:19 lid 5 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_30915/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:30915</guid>
      <pubDate>Fri, 23 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 21 oktober 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:30915)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een verkoper van een woning wil leveren, maar op de woning rust een hypotheek ten behoeve van een in 2015 ontbonden vennootschap. De notaris weigert het royement op basis van een volmacht van de voormalig indirect bestuurder. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af, omdat niemand de ontbonden vennootschap kan vertegenwoordigen. Ten overvloede overweegt zij dat de vennootschap na turboliquidatie met mogelijk nog een bate op grond van artikel 2:19 lid 5 BW is blijven voortbestaan en kan herleven.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_30915/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Vordering advocatenfacturen tegen vereniging afgewezen wegens onbevoegde bestuursleden en geen schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10304/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:10304</guid>
      <pubDate>Fri, 23 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 15 januari 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:10304)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een advocatenkantoor vordert betaling van facturen van een vereniging, omdat bestuursleden het kantoor hadden ingeschakeld. De kantonrechter wijst de vordering af: de bestuursleden waren statutair niet bevoegd de vereniging te verbinden en er was ook geen schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. Artikel 2:9 BW, in de dagvaarding aangehaald, vormt volgens de kantonrechter geen zelfstandige grondslag voor betaling.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10304/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Geen bestuurdersaansprakelijkheid voor schending SPA-garanties: verhaalsonvermogen niet voorzienbaar</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10246/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:10246</guid>
      <pubDate>Fri, 23 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 14 oktober 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:10246)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een koper van aandelen vorderde schadevergoeding wegens schending van garanties in de koopovereenkomst, van de niet verschenen verkoper (toegewezen) en van de (indirect) bestuurders van de verkoper op grond van onrechtmatige daad. De rechtbank wijst de persoonlijke aansprakelijkheid af, omdat onvoldoende is gesteld dat de bestuurder bij het aangaan van de overeenkomst wist of had moeten begrijpen dat de vennootschap geen verhaal zou bieden. Ook de reconventionele vorderingen van de bestuurders worden afgewezen bij gebrek aan belang.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10246/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuursbesluit tot opzegging commanditaire vennootschap vernietigd wegens strijd met redelijkheid en billijkheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_12213/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:12213</guid>
      <pubDate>Thu, 22 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 9 september 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:12213)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een commanditair vennoot, tevens aandeelhouder van de beherend vennoot, kwam op tegen de opzegging van de commanditaire vennootschap door het bestuur van de beherend vennoot wegens vermeende concurrentie. De rechtbank vindt geen tegenstrijdig belang van de bestuurder, maar vernietigt het besluit op grond van artikel 2:15 lid 1 sub b BW in verbinding met artikel 2:8 BW, omdat het prematuur was na een gezamenlijk aanvaard advies van de raad van commissarissen. De vorderingen tegen de benoeming van een commissaris worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en gebrek aan belang.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_12213/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Nietige aandeelhoudersbesluiten tot uitgifte en intrekking van aandelen in een B.V.</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10340/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:10340</guid>
      <pubDate>Thu, 22 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 7 oktober 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:10340)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een minderheidsaandeelhouder vorderde nietigheid van besluiten van de algemene vergadering om alle bij oprichting uitgegeven aandelen in te trekken en nieuwe aandelen uit te geven zonder hem een aanbod te doen. De rechtbank oordeelt dat de besluiten in strijd zijn met de wet (onder meer het voorkeursrecht van artikel 2:206a BW en artikel 2:175 BW) en de statuten, en dus nietig zijn op grond van artikel 2:14 BW. De rechtbank gelast herstel van het aandelenpakket en aanpassing van het aandeelhoudersregister; de reconventionele vorderingen over voorwaarden voor de samenwerking worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10340/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>VvE-besluit tot verwijdering te zware vloer: geen nietigheid of vernietigbaarheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10086/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:10086</guid>
      <pubDate>Thu, 22 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 8 oktober 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:10086)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaar vecht een besluit van de vereniging van eigenaars aan om haar zware vloer met vloerverwarming te verwijderen, omdat de balklaag deze niet kan dragen. De kantonrechter toetst het besluit aan de artikelen 2:14, 2:15 en 2:8 BW, die via artikel 5:124 BW van toepassing zijn. Het besluit is niet nietig of vernietigbaar: de vereiste meerderheid is behaald en de vereniging kon in redelijkheid en naar billijkheid tot het besluit komen. De verzoeken, ook die om een vervangende machtiging, worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10086/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Interne bestuurdersaansprakelijkheid voor bezoldiging zonder statutair AVA-besluit</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHSHE_2026_865/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHSHE:2026:865</guid>
      <pubDate>Thu, 22 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Enquêterecht</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 31 maart 2026 (ECLI:NL:GHSHE:2026:865)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee vennootschappen vorderen via hun OK-bestuurder terugbetaling van bestuurdersbeloningen die zonder het statutair vereiste AVA-besluit zijn uitgekeerd. Het hof oordeelt dat het verhogen van de bezoldiging in strijd met de statuten een ernstig verwijt oplevert in de zin van artikel 2:9 BW en dat de taakverdeling binnen het bestuur daaraan niet afdoet. De hoofdelijke aansprakelijkheid strekt zich op grond van artikel 2:11 BW uit tot de indirecte bestuurders. Voor de periode van schorsing wijst het hof de vordering af, omdat de OK-bestuurder toen een nieuwe overeenkomst had gesloten.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHSHE_2026_865/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Artikel 2:248 BW: formeel bestuurder aansprakelijk voor gehele faillissementstekort, geen matiging</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_6318/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBOVE:2026:6318</guid>
      <pubDate>Wed, 21 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Overijssel, 14 oktober 2026 (ECLI:NL:RBOVE:2026:6318)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De curator in een faillissement van een restaurantvennootschap stelt een ingeschreven bestuurder aansprakelijk voor het faillissementstekort wegens schending van de administratie- en publicatieplicht. De rechtbank oordeelt dat de gedaagde bestuurder is geweest, dat het vermoeden van een belangrijke oorzaak niet is ontzenuwd en dat geen matiging plaatsvindt. De bestuurder is aansprakelijk voor het gehele tekort; de vordering uit onrechtmatige daad tegen de overnemende vennootschap wordt afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_6318/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK benoemt deskundige bij gezamenlijk verzoek prijsvaststelling aandelen artikel 2:343c BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_3004/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:3004</guid>
      <pubDate>Wed, 21 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Geschillenregeling</category>
      <category>Aandelenwaardering</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 15 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:3004)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee aandeelhouders van een besloten vennootschap die elk 50% houden, vragen de OK gezamenlijk om de prijs van de aandelen van één van hen vast te stellen. Het oorspronkelijke uitstotingsverzoek is daartoe omgezet in een verzoek op grond van artikel 2:343c BW. De OK benoemt één deskundige, bepaalt de peildatum en de waarderingsuitgangspunten en verdeelt het voorschot op de kosten gelijk over beide aandeelhouders.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_3004/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Geen bestuurdersaansprakelijkheid voor huurschuld na voortijdig verlaten winkel; breakoption niet gebruikt</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2917/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2917</guid>
      <pubDate>Wed, 21 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam, 13 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2917)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een verhuurder stelt de directe en indirecte bestuurders van een huurder persoonlijk aansprakelijk voor een huurschuld na het voortijdig verlaten van een winkelpand, op grond van artikel 6:162 BW en artikel 2:11 BW. Het hof oordeelt dat er geen zelfstandige plicht van bestuurders bestaat om schuldeisers uit eigen beweging over financiële problemen te informeren. Ook is niet voldoende onderbouwd dat de bestuurder de breakoptie had moeten inroepen. Een persoonlijk ernstig verwijt ontbreekt, zodat het hof het vonnis bekrachtigt.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2917/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Nietigheid VvE-besluiten: toestemming horeca in strijd met splitsingsakte en gezag van gewijsde</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_6221/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBOVE:2026:6221</guid>
      <pubDate>Tue, 20 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Overijssel, 6 oktober 2026 (ECLI:NL:RBOVE:2026:6221)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een vereniging van eigenaars nam opnieuw besluiten om tijdelijk een afhaal- en bezorgrestaurant toe te staan in een appartement, ondanks een horecaverbod in de splitsingsakte en een eerdere onherroepelijke uitspraak dat de vergadering daarvan niet kan afwijken. De kantonrechter oordeelt dat aan die eerdere beschikking gezag van gewijsde toekomt en dat de nieuwe besluiten materieel gelijk zijn. De besluiten zijn nietig op grond van artikel 2:14 BW jo. artikel 5:129 BW.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_6221/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Kort geding: ontslag oprichter als STAK-bestuurder en geen herstel als bestuurder topholding</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_14236/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:14236</guid>
      <pubDate>Tue, 20 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 16 oktober 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:14236)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In een familiebedrijf waarin de aandelen via een stichting administratiekantoor (STAK) zijn ondergebracht, is de oprichter door zijn kinderen als STAK-bestuurder ontslagen. In kort geding vordert hij herstel als bestuurder van de STAK en de topholding. De voorzieningenrechter wijst dit af: een beroep op het ontbreken van een formeel ontslagbesluit bij de topholding stuit af op artikel 2:8 BW, en het ontslag bij de STAK zal naar voorlopig oordeel standhouden wegens gewichtige redenen. Ook de gestelde vernietigbaarheid op grond van artikel 2:15 BW slaagt niet. Toegang tot het e-mailaccount wordt onder voorwaarden toegewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_14236/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Opzegging verenigingslidmaatschap na geëscaleerd conflict niet vernietigbaar of nietig</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_7177/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBMNE:2026:7177</guid>
      <pubDate>Tue, 20 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Midden-Nederland, 7 oktober 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:7177)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een schaakvereniging zegt het lidmaatschap van een lid op na een langdurig, geëscaleerd conflict met het bestuur. Het lid vordert vernietiging van het opzeggingsbesluit, nietigverklaring van de besluiten, schadevergoeding en rectificatie. De rechtbank toetst terughoudend aan de redelijkheid en billijkheid en oordeelt dat het bestuur in redelijkheid kon opzeggen. Het besluit is ook niet nietig, omdat het lid geen strijd met wet of statuten heeft onderbouwd, en de overige vorderingen worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_7177/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Vervangende machtiging wijziging splitsingsakte; nietigheid VvE-besluit ex artikel 2:14 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_3025/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:3025</guid>
      <pubDate>Tue, 20 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 13 oktober 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:3025)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaar verzoekt om een vervangende machtiging voor het wijzigen van de splitsingsakte, omdat de andere eigenaar weigert mee te werken. Het hof bekrachtigt de machtiging en oordeelt dat er geen redelijke grond voor weigering is. Boek 2 speelt een bijrol: het beroep op nietigheid van een VvE-besluit op grond van artikel 2:14 lid 1 BW slaagt niet.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_3025/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid artikel 2:248 BW bij ruzie tussen bestuurders; geen disculpatie</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_3006/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:3006</guid>
      <pubDate>Tue, 20 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 13 oktober 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:3006)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De curator in het faillissement van een bv sprak de twee bestuurders (broers) en hun houdstervennootschappen aan voor het boedeltekort op grond van artikel 2:248 BW. Eén bestuurder en zijn houdstervennootschap hadden bij de rechtbank verstek laten gaan en gingen in hoger beroep. Het hof oordeelt dat zij ontvankelijk zijn omdat artikel 140 lid 3 Rv van toepassing is. Het hof oordeelt dat sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur dat een belangrijke oorzaak van het faillissement is, en dat ook de aangesproken bestuurder zich niet kan disculperen en geen matiging krijgt. De omvang van het boedeltekort volgt nog.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_3006/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Onrechtmatige daad tussen 50%-aandeelhouders; directe schade; dividendbesluit en turboliquidatie afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_13613/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:13613</guid>
      <pubDate>Mon, 19 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 7 oktober 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:13613)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee 50%-aandeelhouders en bestuurders besloten hun gezamenlijke onderneming te liquideren, maar een van hen zette de bedrijfsactiviteit via een andere vennootschap voort zonder de ander een vergoeding te betalen. De rechtbank oordeelt dat dit in strijd is met de redelijkheid en billijkheid van artikel 2:8 BW en onrechtmatig is, en dat sprake is van directe en niet van afgeleide schade, die zij ex aequo et bono begroot op € 37.500. De vorderingen tegen de andere vennootschap en haar bestuurder worden afgewezen. De reconventionele vorderingen tot dividenduitkering en medewerking aan turboliquidatie worden afgewezen, onder meer wegens het ontbreken van een geldig aandeelhoudersbesluit, balanstest en uitkeringstoets.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_13613/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurders hoofdelijk aansprakelijk voor cao-boete; ernstig verwijt en artikel 2:11 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_6623/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHARL:2026:6623</guid>
      <pubDate>Mon, 19 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 13 oktober 2026 (ECLI:NL:GHARL:2026:6623)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een sociaal fonds in de beveiligingsbranche vordert van een beveiligingsvennootschap en haar bestuurders een forfaitaire boete omdat bewijsstukken van cao-naleving niet zijn aangeleverd. Het hof matigt de boete, maar oordeelt dat de bestuurders persoonlijk een ernstig verwijt treft omdat zij de controle frustreren; op grond van artikel 2:11 BW geldt dit ook voor de bestuurders van de rechtspersoon-bestuurders. Een vordering wegens overgang van onderneming van een failliete zustervennootschap wordt afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_6623/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Vernietiging VvE-besluit over verduurzamingsscenario wegens strijd met redelijkheid en billijkheid afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_2359/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHARL:2026:2359</guid>
      <pubDate>Mon, 19 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 21 april 2026 (ECLI:NL:GHARL:2026:2359)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een lid van een vereniging van eigenaars vroeg vernietiging van een ALV-besluit om een verduurzamingsscenario tot een detailplan uit te werken. Hij stelde dat de stemprocedure onduidelijk was en dat de financiële belangen onvoldoende waren meegewogen. Het hof toetst terughoudend aan artikel 2:15 jo. 2:8 BW via artikel 5:130 BW en bekrachtigt de afwijzing van het verzoek.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_2359/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK wijst uittreding toe, wijst enquête en uitstoting af bij 50/50-aandeelhouders</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2965/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2965</guid>
      <pubDate>Mon, 19 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Geschillenregeling</category>
      <category>Enquêterecht</category>
      <category>Aandelenwaardering</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 6 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2965)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee aandeelhouders met elk 50% in een theehandelsvennootschap zijn over en weer zo verwijderd geraakt dat voortzetting van de samenwerking niet meer mogelijk is. De OK wijst het verzoek tot uittreding toe, benoemt een deskundige voor de waardering van de aandelen en wijst het enquêteverzoek en het tegenverzoek tot uitstoting af. Het belang van de vennootschap is gediend met een spoedige scheiding der wegen, zodat een onderzoek niet meer nodig is.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2965/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK: machtiging mededelingen uit enquêteverslag in civiele procedures toegewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2961/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2961</guid>
      <pubDate>Mon, 19 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 6 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2961)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De voorzitter van de OK verleent een minderheidsaandeelhouder machtiging om mededelingen te doen uit het enquêteverslag in civiele procedures over de nietigheid of vernietigbaarheid van besluiten en daarmee samenhangende schadevorderingen. Het oogmerk om het verslag in een procedure in te brengen is in het algemeen een voldoende zwaarwegend belang. Het belang van de vennootschap bij vertrouwelijkheid weegt hier niet zwaarder. De machtiging wordt beperkt tot gebruik in de beoogde procedures.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2961/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Geschillenregeling: deskundige verzoekt toegang administratie voor mede-aandeelhouder; verzoek afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2960/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2960</guid>
      <pubDate>Mon, 19 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Geschillenregeling</category>
      <category>Aandelenwaardering</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 8 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2960)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In een geschillenregelingsprocedure over de waardering van aandelen verzoekt de deskundige de raadsheer-commissaris een aandeelhouder te bevelen de andere aandeelhouder volledige toegang tot administratie en financiële systemen te geven. De raadsheer-commissaris wijst het verzoek af, omdat de deskundige zelf geen toegang is geweigerd en de Leidraad al voorziet in hoor en wederhoor en informatieverstrekking onder regie van de deskundige.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2960/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>VvE niet aansprakelijk voor vertraagd herstel na verwijderde draagmuur</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2026_7411/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBGEL:2026:7411</guid>
      <pubDate>Fri, 16 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Gelderland, 9 september 2026 (ECLI:NL:RBGEL:2026:7411)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaar vorderde herstel en schadevergoeding van de VvE na schade door het zonder toestemming verwijderen van een draagmuur in het bovengelegen appartement. De rechtbank wijst de schadevorderingen af omdat de VvE voldoende voortvarend heeft gehandeld, en veroordeelt de VvE alleen tot herstel van de gevolgschade (scheurvorming). Artikel 2:8 BW wordt slechts genoemd in een stelling van eisers over goed VvE-beheer en speelt in de beoordeling geen zelfstandige rol.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2026_7411/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bevoegdheidsincident: Nederlandse rechter bevoegd bij profiteren van onrechtmatig handelen bestuurder (EVEX-verdrag)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2025_12073/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBGEL:2025:12073</guid>
      <pubDate>Fri, 16 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Gelderland, 15 oktober 2025 (ECLI:NL:RBGEL:2025:12073)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In de hoofdzaak vordert een Nederlandse vennootschap onder meer schadevergoeding van haar bestuurder (onbehoorlijk bestuur, artikelen 2:8 en 2:9 BW) en van een Noorse vennootschap die van het onrechtmatig handelen zou hebben geprofiteerd. In dit incident wijst de rechtbank het beroep op onbevoegdheid af: op grond van artikel 5 lid 3 EVEX-verdrag 2007 is de Nederlandse rechter bevoegd, omdat de schade bij de Nederlandse vennootschap is ingetreden. Boek 2 speelt alleen een rol in de weergave van de vorderingen in de hoofdzaak.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2025_12073/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Geen persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder voor onbetaalde arbitrale proceskostenveroordeling en beslagschade</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10071/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:10071</guid>
      <pubDate>Fri, 16 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 14 oktober 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:10071)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee schuldeisers stelden de bestuurder van een projectvennootschap en diens bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor een onbetaalde arbitrale proceskostenveroordeling en schade door onterecht gelegd beslag. De rechtbank oordeelt dat het starten van een procedure zonder dekking voor een mogelijke kostenveroordeling geen persoonlijk ernstig verwijt oplevert, mede gelet op het recht op toegang tot de rechter. De overige verwijten (wegsluizen van inkomsten, selectieve betaling) slagen evenmin; alle vorderingen worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_10071/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Vereffenaar mag vorderingen op voormalige bestuurders verkopen via biedproces</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13959/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:13959</guid>
      <pubDate>Thu, 15 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 28 september 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:13959)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een vereffenaar van een door de OK ontbonden vennootschap wil de vorderingen op de voormalige bestuurders verkopen via een biedproces. De bestuurders vorderen een verbod daarop en een gebod om exclusief met hen te onderhandelen over een minnelijke regeling. De rechtbank wijst dit af: de vereffenaar heeft binnen zijn beleidsvrijheid gehandeld, geen onvoorwaardelijke toezegging gedaan of overeenkomst gesloten, en de redelijkheid en billijkheid (artikel 2:8 BW) verplichten hem niet tot exclusieve onderhandelingen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13959/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Curator faalt: bestuurders ontzenuwen bewijsvermoeden onbehoorlijk bestuur; rekening-courantschuld wel toegewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13956/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:13956</guid>
      <pubDate>Thu, 15 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Jaarrekening</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 30 september 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:13956)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De curator in een faillissement sprak de (middellijk) bestuurders van de failliete projectvennootschap aan op grond van artikel 2:248, 2:9 en 6:162 BW. Hoewel de publicatieplicht was geschonden en daarmee een bewijsvermoeden gold, hebben de bestuurders dat ontzenuwd door aannemelijk te maken dat externe omstandigheden het faillissement veroorzaakten. De stelplicht voor een persoonlijk ernstig verwijt en onrechtmatige daad was onvoldoende ingevuld, dus de vorderingen worden afgewezen. Twee vennootschappen moeten wel hun rekening-courantschuld aan de curator betalen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13956/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Geen persoonlijk ernstig verwijt voor indirect bestuurder van scheepsbouwer na ontbinding bouwovereenkomst</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13924/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:13924</guid>
      <pubDate>Wed, 14 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 7 oktober 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:13924)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een opdrachtgever ontbindt de overeenkomst voor de bouw van een duw/werkboot, omdat de opleverdatum niet wordt gehaald en het schip ernstige gebreken heeft. De rechtbank wijst de vorderingen tegen de scheepsbouwer grotendeels toe. De indirect bestuurder wordt op grond van artikel 6:162 BW niet in persoon aansprakelijk gehouden, omdat de hoge drempel van een persoonlijk ernstig verwijt niet wordt gehaald. Het bestuurderschap, de vertraging en de gebreken zijn daarvoor onvoldoende.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13924/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid (Beklamel) afgewezen bij afbetalingsregeling achtergestelde lening</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_29748/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:29748</guid>
      <pubDate>Wed, 14 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 7 oktober 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:29748)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een cessionaris vordert betaling van een achtergestelde lening van een holding en stelt daarnaast de bestuurder van de holding persoonlijk aansprakelijk uit onrechtmatige daad. De rechtbank wijst de vordering op de holding grotendeels toe, met aangepaste renteberekening. De vordering tegen de bestuurder wordt afgewezen: de betalingsregeling betrof geen nieuwe verbintenis en er is geen voldoende ernstig verwijt, zodat geen sprake is van een Beklamel-situatie.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_29748/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Rechterlijke benoeming bestuurder stichting administratiekantoor zonder bestuur (artikel 2:299 BW)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_7005/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBMNE:2026:7005</guid>
      <pubDate>Tue, 13 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Midden-Nederland, 2 oktober 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:7005)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een stichting administratiekantoor had na het overlijden van de enige bestuurder geen bestuur meer, en de statuten voorzagen niet in een manier om een nieuwe bestuurder te benoemen. De rechtbank benoemt op grond van artikel 2:299 BW de verzoeker, een certificaathouder die eerder mede-bestuurder was, tot bestuurder. De rechtbank acht het belang van de verzoeker en het acute belang van de dochtervennootschap voldoende en wijst het verzoek toe.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_7005/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Vernietiging statutenwijziging STAK afgewezen: vervaltermijn artikel 2:15 lid 5 BW verstreken</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2025_12077/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBGEL:2025:12077</guid>
      <pubDate>Tue, 13 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Gelderland, 16 oktober 2025 (ECLI:NL:RBGEL:2025:12077)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Certificaathouders van een administratiekantoor vorderden vernietiging van een bestuursbesluit uit 2020 tot statutenwijziging op grond van artikel 2:15 BW. De rechtbank wijst de vorderingen af: er is niet in strijd met de administratievoorwaarden gehandeld en de vervaltermijn van artikel 2:15 lid 5 BW is verstreken, nu inschrijving van de gewijzigde statuten in het Handelsregister voldoende bekendheid aan het besluit gaf.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2025_12077/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Kort geding Sint Maarten: schorsing bestuurder hangende enquêteverzoek en managementvergoeding</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGEAM_2026_136/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:OGEAM:2026:136</guid>
      <pubDate>Tue, 13 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <category>Geschillenregeling</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten, 9 oktober 2026 (ECLI:NL:OGEAM:2026:136)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In kort geding vordert een bestuurder en 50%-aandeelhouder van een besloten vennootschap op Sint Maarten schorsing van de mede-bestuurder (zijn ex-echtgenote), hangende een beoogde enquêteprocedure, en een managementvergoeding. Het Gerecht wijst de schorsing af, mede omdat het enquêteverzoek is ingetrokken en de mede-bestuurder zich niet met de dagelijkse gang van zaken bemoeit. Een vergoeding van USD 2.000 per maand wordt als voorschot toegewezen. Het Burgerlijk Wetboek van Sint Maarten is van toepassing.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGEAM_2026_136/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid voor niet-nakoming leaseovereenkomst door failliete vennootschap; deels toegewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2856/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2856</guid>
      <pubDate>Tue, 13 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam, 6 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2856)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een leasegever sprak de vennootschap aan die bestuurder was van een failliete leasenemer, wegens onrechtmatige daad. Het hof oordeelt dat het Beklamel- en Roelofsen-verwijt onvoldoende is onderbouwd en dat de hoge drempel voor bestuurdersaansprakelijkheid niet is gehaald, mede gelet op het rechtmatigheidsonderzoek van de curator. Wel is de bestuurder aansprakelijk voor het niet retourneren van geleaste zaken en moet zij de waarde daarvan vergoeden.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2856/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Hoofdelijke aansprakelijkheid aandeelhouders uit garantstellingsverklaring met verwijzing naar artikel 2:403 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBZWB_2026_9489/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBZWB:2026:9489</guid>
      <pubDate>Mon, 12 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 september 2026 (ECLI:NL:RBZWB:2026:9489)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een verhuurder van een locomotief vordert van de aandeelhouders van de failliete huurder betaling van onbetaalde huur, op grond van een garantstellingsverklaring die zij voor de bedrijfsvergunning aan de toezichthouder hadden afgegeven, onder verwijzing naar artikel 2:403 BW. De rechtbank oordeelt dat de verklaring geen 403-verklaring is, maar wel rechtstreekse aansprakelijkheid voor de schulden van de vennootschap in het leven roept. Ook de verhuurder kan zich daarop beroepen en de intrekking van de verklaring staat daaraan niet in de weg. De vordering wordt grotendeels toegewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBZWB_2026_9489/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Nietigheid VvE-besluit tot verhuur gemeenschappelijke stoep voor horecaterras</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOBR_2026_6785/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBOBR:2026:6785</guid>
      <pubDate>Mon, 12 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Oost-Brabant, 21 september 2026 (ECLI:NL:RBOBR:2026:6785)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaar bestrijdt een besluit van de vereniging van eigenaars om een deel van de gemeenschappelijke stoep te verhuren aan een horecaonderneming voor een terras. De kantonrechter oordeelt dat het besluit geen beheersdaad is, omdat de verhuur niet tijdelijk en niet persoonlijk is, en dat voor zo'n exclusief gebruiksrecht een wijziging van de akte van splitsing nodig is. Het besluit is daarom op grond van artikel 2:14 BW nietig, zonder belangenafweging.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOBR_2026_6785/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Ontslag op staande voet statutair bestuurder; artikel 2:244 lid 3 BW; billijke vergoeding</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNNE_2026_3966/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNNE:2026:3966</guid>
      <pubDate>Mon, 12 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Nederland, 7 september 2026 (ECLI:NL:RBNNE:2026:3966)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een statutair bestuurder die door de AvA is ontslagen en vervolgens op staande voet, vecht dat ontslag aan; na het faillissement van de vennootschap vorderen de curatoren terugbetaling van loon over de opzegtermijn. De rechtbank oordeelt dat er geen dringende reden was en kent onder meer een billijke vergoeding toe. Boek 2 speelt een beperkte rol: artikel 2:244 lid 3 BW sluit vernietiging van de arbeidsrechtelijke opzegging van een bestuurder uit en het vennootschapsrechtelijke ontslagbesluit is niet aangevochten.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNNE_2026_3966/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Interne bestuurdersaansprakelijkheid Curaçao: overboekingen naar eigen vennootschap terug te betalen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGEAC_2025_387/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:OGEAC:2025:387</guid>
      <pubDate>Mon, 12 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, 25 augustus 2025 (ECLI:NL:OGEAC:2025:387)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een vennootschap vordert van haar voormalige bestuurder en diens eigen vennootschap terugbetaling van USD 250.000, dat de bestuurder van de vennootschapsrekening naar zijn eigen vennootschap had overgeboekt. Het gerecht past het Burgerlijk Wetboek van Curaçao toe en oordeelt dat de bestuurder op grond van artikel 2:14 BWC een ernstig verwijt treft. Hij wist dat voor het eerste bedrag geen rechtsgrond bestond en zorgde ervoor dat zijn vennootschap het tweede bedrag niet terugbetaalde. Beide gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld; het beroep op de klachtplicht van artikel 6:89 BWC faalt.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGEAC_2025_387/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Uitkoop na openbaar bod: 2:359c BW afgewezen, 2:201a BW toegewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2761/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2761</guid>
      <pubDate>Mon, 12 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Uitkoop</category>
      <category>Aandelenwaardering</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 29 september 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2761)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een bieder die na een openbaar bod ruim 97% van de aandelen hield, vorderde uitkoop van de overige aandelen. De OK wijst de vordering op grond van artikel 2:359c BW af, omdat na de omzetting van de naamloze vennootschap in een besloten vennootschap sprake is van verschillende soorten aandelen en de bieder alleen aandelen B hield. Op grond van artikel 2:201a BW wordt de vordering wel toegewezen tegen de biedprijs, die op basis van een acceptatiegraad van 97,74% als billijk wordt vermoed.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2761/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Enquêteverzoeken tegen Philips afgewezen: concernleiding en interne systemen na terugroepactie</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2900/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2900</guid>
      <pubDate>Sat, 10 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 10 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2900)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Beleggers verzochten een enquête naar het beleid van de topholding van een medtech-concern, na een wereldwijde terugroepactie van apparaten van een Amerikaanse dochter. De OK stelt hoge zorgvuldigheidseisen aan de concernleiding, maar oordeelt dat onvoldoende concreet is gemaakt dat de interne systemen tekortschoten of dat te laat is ingegrepen. De enquêteverzoeken worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2900/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Goedkeuring fusie tussen stichtingen met onwijzigbaar statutair doel</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_29078/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:29078</guid>
      <pubDate>Fri, 09 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Fusie en splitsing</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 4 september 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:29078)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee stichtingen met een onwijzigbaar statutair doel verzoeken de rechtbank om goedkeuring van hun fusiebesluiten op grond van artikel 2:317 lid 5 BW. De rechtbank stelt vast dat aan de besluitvormingsvereisten en de notariële verklaring van artikel 2:318 BW is voldaan. Omdat de fusie niet strijdig blijkt met het belang van een van de stichtingen, verleent zij goedkeuring.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_29078/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Heropening vereffening B.V. voor levering perceel en doorhaling hypotheek</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_29077/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:29077</guid>
      <pubDate>Fri, 09 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 4 september 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:29077)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een weduwe, tevens executeur van de nalatenschap van de directeur-grootaandeelhouder, verzocht heropening van de vereffening van een ontbonden B.V. om een nog op naam van de vennootschap staand perceel te kunnen leveren en een hypotheekrecht te laten doorhalen. De rechtbank past artikel 2:23c BW analoog toe, ook als er geen bate meer is maar de rechtspersoon tijdelijk moet herleven voor een rechtshandeling. Het verzoek wordt toegewezen en de verzoekster wordt tot vereffenaar benoemd.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_29077/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Faillissement ontbonden stichting na turboliquidatie: geen aannemelijke baten, verzoek afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13531/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:13531</guid>
      <pubDate>Thu, 08 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 6 oktober 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:13531)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een schuldeiser vroeg het faillissement van een stichting die tijdens de aanhouding van het verzoek via turboliquidatie was ontbonden. De rechtbank past artikel 2:19 lid 4 BW toe: een ontbonden rechtspersoon kan failliet worden verklaard als summierlijk blijkt van (potentiële) baten. Baten van andere groepsentiteiten zijn geen baten van de stichting zelf, zodat het verzoek wordt afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13531/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 6:162 BW afgewezen: onvoldoende gesteld persoonlijk ernstig verwijt</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13438/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:13438</guid>
      <pubDate>Thu, 08 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 2 oktober 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:13438)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een groothandel vordert van een failliete vennootschap en haar bestuurder betaling van onbetaalde facturen en stelt de bestuurder aansprakelijk op grond van artikel 6:162 BW. De kantonrechter wijst de vordering tegen de bestuurder af, omdat onvoldoende is gesteld om een persoonlijk ernstig verwijt aan te nemen. Het lage geplaatste kapitaal en het niet deponeren van jaarrekeningen volstaan zonder nadere onderbouwing niet. Artikel 2:248 BW is niet van toepassing, omdat het gaat om het toetsingskader bij faillissement.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_13438/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurder en vennootschap aansprakelijk voor kosten fraudeonderzoek verzekeraar</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_5932/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBOVE:2026:5932</guid>
      <pubDate>Thu, 08 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Overijssel, 15 september 2026 (ECLI:NL:RBOVE:2026:5932)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een verzekeraar vordert van een vennootschap en haar enig aandeelhouder en bestuurder de kosten van onderzoek naar een vermoedelijk valse verzekeringsclaim. De rechtbank oordeelt dat de vennootschap de onderzoeksbevindingen onvoldoende heeft weerlegd en onrechtmatig heeft gehandeld door de koerier te willen misleiden. De bestuurder wordt ook in persoon veroordeeld, omdat hij enig aandeelhouder en bestuurder was, persoonlijk betrokken was en hem evident een persoonlijk ernstig verwijt kan worden gemaakt.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_5932/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid 2:248 BW; feitelijk beleidsbepaler niet gelijkgesteld met bestuurder</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_13074/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:13074</guid>
      <pubDate>Thu, 08 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Jaarrekening</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 23 september 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:13074)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De curator in het faillissement van een bv vordert op grond van artikel 2:248 BW dat de bestuurder en diens echtgenote (als vermeende feitelijk beleidsbepaler) hoofdelijk aansprakelijk zijn voor het boedeltekort. De rechtbank oordeelt dat de bestuurder zijn administratie- en publicatieplicht heeft geschonden, dat het wettelijke vermoeden van een belangrijke oorzaak van het faillissement niet is weerlegd en dat hij aansprakelijk is. De gelijkstelling van de echtgenote met een bestuurder wordt afgewezen, omdat haar werkzaamheden uitvoerend van aard waren en niet is gebleken dat zij bestuursmacht aan zich heeft getrokken.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_13074/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Ontslag van bestuurders door AVA: nietigheid, bijeenroeping en tegenstrijdig belang (A-G)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_PHR_2026_938/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:PHR:2026:938</guid>
      <pubDate>Thu, 08 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Parket bij de Hoge Raad, 2 oktober 2026 (ECLI:NL:PHR:2026:938)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In deze conclusie gaat het om de vraag of twee bestuurders van een besloten vennootschap rechtsgeldig zijn ontslagen door een algemene vergadering die door een aandeelhouder zelf was bijeengeroepen. De A-G bespreekt onder meer nietigheid versus vernietigbaarheid van besluiten, de statutaire bijeenroepingsregeling, de redelijkheid en billijkheid en het tegenstrijdig belang van bestuurders (artikel 2:239 lid 6 BW). Hij stelt dat een tegenstrijdig belang concreet moet worden onderbouwd en concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_PHR_2026_938/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Koop appartement: ontbinding wegens ontbreken splitsingsvergunning, geen boete</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_11796/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:11796</guid>
      <pubDate>Wed, 07 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 9 september 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:11796)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een koper van een appartement vorderde een contractuele boete nadat de verkoper de koopovereenkomst had ontbonden omdat de splitsingsvergunning ontbrak. De rechtbank wijst de vordering af. De enige verwijzing naar Boek 2 BW (artikel 2:248 lid 2) is een kennelijke verschrijving van artikel 6:248 lid 2 BW; Boek 2 speelt verder geen rol.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_11796/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Eindvonnis dwalingsnadeel na aandelenkoop; artikel 2:9/2:11 BW alleen bij proceskosten genoemd</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_28675/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:28675</guid>
      <pubDate>Wed, 07 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 30 september 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:28675)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Na een eerder tussenvonnis waarin het beroep op dwaling bij de koop van aandelen werd gehonoreerd, stelt de rechtbank in dit eindvonnis het dwalingsnadeel vast op ruim € 350.000, grotendeels onderzoeks-, juridische en accountantskosten. De vordering gebaseerd op artikel 2:9 jo. 2:11 BW was al afgewezen; Boek 2 komt in dit vonnis alleen ter sprake bij de beslissing over de proceskosten.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_28675/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK wijst enquêteverzoek bij OCI af na belangenafweging; voorzieningen eindigen 1 januari 2027</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2888/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2888</guid>
      <pubDate>Wed, 07 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 7 oktober 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2888)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Minderheidsaandeelhouders van een beursvennootschap verzochten een enquête naar aanleiding van een voorgenomen verkoop van alle activa en passiva aan een vennootschap met dezelfde meerderheidsaandeelhouder. De OK wijst het verzoek af: de twijfel over de afweging van de belangen van minderheidsaandeelhouders vóór de eerste beschikking is niet geheel weggenomen, maar na het alternatief van een bod in contanten en aanvullend onderzoek weegt het belang van de vennootschap bij het uitblijven van een enquête zwaarder. De onmiddellijke voorzieningen eindigen per 1 januari 2027.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2888/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder uit onrechtmatige daad wegens achterhouden en verhandelen van vermiste goederen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_6790/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBMNE:2026:6790</guid>
      <pubDate>Tue, 06 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Midden-Nederland, 23 september 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:6790)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Voor een importeur bestemde goederen zijn in 2019 zoekgeraakt en later bij twee concurrerende vennootschappen aangetroffen. De rechtbank oordeelt dat de goederen zonder recht of titel zijn achtergehouden en deels doorverkocht, wat een onrechtmatige daad (verduistering) is. Naast de vennootschappen is ook de bestuurder persoonlijk aansprakelijk, omdat hij zelf de instructie gaf de ontvangst tegenover de vervoerder te ontkennen. Zij zijn hoofdelijk gehouden tot betaling van € 18.079,97 schadevergoeding.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_6790/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid wegens verhaalsfrustratie door overhevelen activiteiten en turboliquidatie</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2894/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:2894</guid>
      <pubDate>Tue, 06 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 29 september 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:2894)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een schuldeiser van een vennootschap (na ontbinding van een investeringsovereenkomst) stelt de indirect bestuurder en aandeelhouder persoonlijk aansprakelijk, omdat de activiteiten naar een gelieerde vennootschap zijn overgeheveld en de vennootschap via turboliquidatie zonder verhaal is ontbonden. Het hof oordeelt, anders dan de rechtbank, dat sprake is van verhaalsfrustratie waarvan de bestuurder een persoonlijk ernstig verwijt treft. De aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad wordt toegewezen, ondanks dat de bestuurder in hoger beroep niet is verschenen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2894/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurder persoonlijk aansprakelijk wegens verhaalsfrustratie na overheveling activiteiten en turboliquidatie</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2893/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:2893</guid>
      <pubDate>Tue, 06 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 29 september 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:2893)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een investeerder vorderde van de (indirect) enig bestuurder en aandeelhouder schadevergoeding, omdat die de activiteiten van de vennootschap naar een gelieerde vennootschap had overgeheveld en de vennootschap bij gebrek aan baten had ontbonden, waardoor verhaal onmogelijk werd. Het hof oordeelt, anders dan de rechtbank, dat uit facturen en publicaties blijkt dat waarde aan de vennootschap is onttrokken. Het hof acht de bestuurder daarvan een persoonlijk ernstig verwijt te maken en wijst de vordering van € 174.137,79 toe op grond van onrechtmatige daad.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2893/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurder aansprakelijk wegens verhaalsfrustratie: activiteiten overgeheveld, vennootschap ontbonden bij gebrek aan baten</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2892/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:2892</guid>
      <pubDate>Tue, 06 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 29 september 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:2892)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een investeerder spreekt de (indirect) bestuurder en aandeelhouder van een vennootschap persoonlijk aan, nadat de vennootschap na een veroordelend vonnis bij gebrek aan baten is ontbonden en haar activiteiten in een gelieerde vennootschap werden voortgezet. Het hof oordeelt dat sprake is van verhaalsfrustratie: waarde is zonder reële vergoeding onttrokken en de bestuurder treft een persoonlijk ernstig verwijt. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vordering van ruim € 133.000 toe.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2892/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK benoemt tijdelijk bestuurder als onmiddellijke voorziening bij bestuurloze 50/50-joint venture</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2826/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2826</guid>
      <pubDate>Tue, 06 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 21 september 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2826)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een 50%-aandeelhouder van een besloten vennootschap verzoekt de OK om een enquête en een onmiddellijke voorziening. De vennootschap heeft geen bestuur meer nadat de enige bestuurder is ontslagen en de aandeelhouders niet tot een nieuwe benoeming komen. De OK acht voorlopig gegronde redenen voor twijfel aan een juist beleid aanwezig en benoemt op grond van artikel 2:349a lid 3 BW een tijdelijk bestuurder. Verdere beslissingen worden aangehouden.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2826/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Kort geding verwijdering uit fraude-registers zorgverzekeraar; artikel 2:9 BW in voetnoot</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_6794/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBMNE:2026:6794</guid>
      <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Midden-Nederland, 23 september 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:6794)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een zorgaanbieder en haar bestuurder vorderen in kort geding verwijdering uit fraudeverwijzingsregisters van een zorgverzekeraar, die hen verdenkt van zorgfraude. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af. Boek 2 speelt slechts een bijrol: in een voetnoot wordt artikel 2:9 BW genoemd bij de overweging dat de bestuurder verantwoordelijk is voor interne controle op de zorgadministratie.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_6794/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Terugbetaling lening; geen ernstig verwijt aan indirect bestuurder van de debiteur</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2895/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:2895</guid>
      <pubDate>Mon, 05 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 15 september 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:2895)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een schuldeiser vorderde terugbetaling van een geldlening van een vennootschap en persoonlijke aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad van de indirect bestuurder. Het hof wijst de lening volledig toe, maar wijst de bestuurdersaansprakelijkheid (artikel 6:162 BW, rechtstreeks of via artikel 2:11 BW) af, omdat niet is gebleken dat de bestuurder wist of behoorde te weten dat de vennootschap niet kon nakomen. Er is daarom geen sprake van een ernstig verwijt.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2895/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Quasi-inhouse uitzondering afvalverwerking; geconsolideerde omzet als maatstaf activiteitencriterium</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2989/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:2989</guid>
      <pubDate>Sat, 03 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Jaarrekening</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 29 september 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:2989)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een afvalverwerker stelt dat twee gemeentelijke opdrachten voor de verwerking van restafval ten onrechte zonder aanbesteding zijn gegund op grond van de quasi-inhouse uitzondering. Het hof vernietigt de overeenkomsten en kent deels schadevergoeding toe. Boek 2 speelt een zijdelingse rol: omdat de gecontroleerde vennootschap een geconsolideerde jaarrekening opstelt (artikel 2:405 en 2:406 BW), wordt voor het activiteitencriterium de geconsolideerde omzet in aanmerking genomen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_2989/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Afwijzing voorstel verdeelsleutel VvE is geen besluit in de zin van 2:14/2:15 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBZWB_2026_9394/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBZWB:2026:9394</guid>
      <pubDate>Fri, 02 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 24 september 2026 (ECLI:NL:RBZWB:2026:9394)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaar verzocht de kantonrechter een besluit van de vergadering van een VvE te vernietigen of nietig te verklaren, waarbij zijn voorstel om de verdeelsleutel voor elektriciteitskosten van de lift aan te passen werd afgewezen. De kantonrechter oordeelt dat een beslissing om niets te wijzigen niet op een rechtsgevolg is gericht en daarom geen besluit is in de zin van de artikelen 2:14 en 2:15 BW. De verzoeken worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBZWB_2026_9394/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK wijst verzoek om terug te komen van bindende eindbeslissingen in uittredingsgeschil af</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2822/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:2822</guid>
      <pubDate>Fri, 02 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Geschillenregeling</category>
      <category>Aandelenwaardering</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 24 september 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:2822)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In een uittredingsgeschil tussen aandeelhouders van een joint venture verzoekt de uittredende aandeelhouder de OK terug te komen van bindende eindbeslissingen. Die betroffen de afwijzing van een billijke verhoging van de aandelenprijs (artikel 2:343 lid 3 BW) en van een samenhangende schadevordering. De OK oordeelt dat de nieuw overgelegde stukken niet aantonen dat de eerdere beslissingen op een onjuiste juridische of feitelijke grondslag berusten, en wijst het verzoek af.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_2822/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Beklamelnorm: interim-CFO-vennootschap niet aan te merken als feitelijk bestuurder</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2026_7164/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBGEL:2026:7164</guid>
      <pubDate>Thu, 01 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Gelderland, 16 september 2026 (ECLI:NL:RBGEL:2026:7164)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Investeerders in een energievennootschap hadden een stil pandrecht bedongen, maar de pandakte werd niet geregistreerd, zodat het pandrecht niet ontstond. Zij stelden de vennootschap van de interim-CFO aansprakelijk, onder meer op grond van de Beklamelnorm als feitelijk bestuurder. De rechtbank oordeelt dat de interim-CFO geen dominante rol had en geen feitelijk bestuurder was, en niet namens de vennootschap de verplichtingen is aangegaan. De vorderingen worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2026_7164/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Kerkgenootschap en burgerlijke rechter: bevoegdheid, ontvankelijkheid en toetsing onrechtmatige daad (artikel 2:2 BW)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_PHR_2026_919/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:PHR:2026:919</guid>
      <pubDate>Thu, 01 Oct 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Parket bij de Hoge Raad, 25 september 2026 (ECLI:NL:PHR:2026:919)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In deze conclusie gaat het om de vraag of de burgerlijke rechter een vordering uit onrechtmatige daad tegen een kerkgenootschap mag beoordelen als het gaat om kerkelijke maatregelen na een melding van seksueel misbruik. De A-G stelt dat de burgerlijke rechter bevoegd is zodra de vordering op burgerlijk recht berust, en dat artikel 2:2 lid 2 BW en de scheiding van kerk en staat bij de inhoudelijke toetsing meewegen. De A-G concludeert tot vernietiging van het arrest en verwijzing naar de rechtbank, omdat het hof de zaak had moeten terugwijzen, betrokkenen niet heeft gehoord en een onjuist rectificatiegebod heeft gegeven.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_PHR_2026_919/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Vernietiging VvE-besluiten verduurzaming en sancties: toetsing aan redelijkheid en billijkheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12903/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:12903</guid>
      <pubDate>Wed, 30 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 23 september 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:12903)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een lid van een vereniging van eigenaren verzocht om vernietiging van besluiten over een groot verduurzamingstraject, een lening en sancties tegen het lid zelf. De kantonrechter toetst marginaal aan artikel 2:15 BW in verbinding met artikel 2:8 BW en oordeelt dat de verduurzamingsbesluiten in redelijkheid zijn genomen, omdat een minderheid zich in beginsel naar de meerderheid moet voegen. De voorbarige besluiten om het lid te beboeten en aansprakelijk te stellen worden wel vernietigd.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12903/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>VvE-besluiten: negatieve besluiten, niet geagendeerde extra bijdragen vernietigd</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12871/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:12871</guid>
      <pubDate>Wed, 30 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 22 september 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:12871)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een voormalig appartementseigenaar vraagt de kantonrechter om besluiten van een VvE-vergadering nietig te verklaren of te vernietigen. De kantonrechter oordeelt dat beslissingen zonder beoogd rechtsgevolg geen besluiten zijn in de zin van de artikelen 2:14 en 2:15 BW. De twee besluiten over extra bijdragen worden vernietigd omdat zij niet waren geagendeerd. De overige verzoeken, waaronder het ontslag van de bestuurder, worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12871/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bekrachtiging bemiddelingsopdracht door BV na oprichting; identiteit BV in oprichting (artikel 2:203 BW)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_6642/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBMNE:2026:6642</guid>
      <pubDate>Wed, 30 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Midden-Nederland, 26 augustus 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:6642)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een bemiddelaar vordert courtage voor de bemiddeling bij de koop van twee panden van de opdrachtgever en van een BV die na oprichting de koper werd. De rechtbank wijst de vordering tegen de opdrachtgever toe voor het eerste pand, maar niet tegen de BV. Omdat niet vaststaat dat de bemiddelingsopdracht namens de BV in oprichting is gegeven, kan de BV daaraan niet door bekrachtiging zijn gebonden. Daarvoor is op grond van artikel 2:203 lid 1 BW vereist dat de BV in oprichting op dat moment voldoende identiteit had.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_6642/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Faillietverklaring na turboliquidatie: summierlijk gebleken baten</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_27211/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:27211</guid>
      <pubDate>Wed, 30 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 16 september 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:27211)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee schuldeisers vroegen het faillissement van een bv, waarvan de aandeelhouder de dag voor de zitting had besloten haar te ontbinden (turboliquidatie, artikel 2:19 lid 4 BW). De rechtbank toetst of er werkelijk geen baten meer waren en oordeelt dat de verkoop en besteding van de activa niet met stukken is onderbouwd. Daarom blijkt summierlijk van nog aanwezige baten en wordt de vennootschap failliet verklaard.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_27211/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Oproeping bestuurders en accountant afgewezen; inzagevorderingen deels toegewezen; artikel 2:8 BW zijdelings</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_9466/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:9466</guid>
      <pubDate>Wed, 30 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 23 september 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:9466)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In een zaak over de herstructurering van een groep waaruit een gesanctioneerde certificaathouder werd verwijderd, wijst de rechtbank de vordering af om bestuurders en een waarderingsdeskundige in het geding te roepen. De inzagevorderingen worden deels toegewezen. Boek 2 speelt een bescheiden rol: het beroep op artikel 2:8 BW tegen de schrapping van een informatierecht uit de administratievoorwaarden van de stichting slaagt niet.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_9466/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Beneficiary stichting particulier fonds: bevriezing vermogen en exhibitie afgewezen (Curaçao)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGEAC_2025_381/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:OGEAC:2025:381</guid>
      <pubDate>Wed, 30 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerecht in eerste aanleg van Curaçao, 28 maart 2025 (ECLI:NL:OGEAC:2025:381)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een beneficiary van een stichting particulier fonds op Curaçao wilde in kort geding een verbod op beschikking over de bankrekeningen van het fonds en de dochtervennootschap, en inzage in bescheiden, nadat die een vaststellingsovereenkomst met de oorspronkelijke aandeelhouder hadden gesloten. Het gerecht oordeelt dat niet aannemelijk is dat goedkeuring van alle beneficiaries vereist was en dat het niet aan de kortgedingrechter is op de stoel van het bestuur te gaan zitten. Een informatierecht op grond van artikel 2:7 BWC moet redelijk worden uitgeoefend (artikel 2:8 BWC); de vordering was te ruim en onvoldoende onderbouwd. Alle vorderingen zijn afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGEAC_2025_381/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Huurkoop auto; vrijwaring tegen leverancier en bestuurders afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12656/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:12656</guid>
      <pubDate>Tue, 29 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 4 september 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:12656)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In een huurkoopzaak om een auto wordt de huurkoper veroordeeld tot inlevering van de auto en betaling van schadevergoeding. In de vrijwaringszaak vordert zij van de leverancier en diens (middellijk) bestuurders vergoeding, onder verwijzing naar artikel 2:11 BW en artikel 6:162 BW voor hoofdelijke aansprakelijkheid van bestuurders. De kantonrechter wijst dit af omdat onrechtmatig handelen van de leverancier niet is onderbouwd.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12656/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Rechterlijke statutenwijziging stichting zonder raad van toezicht ex artikel 2:294 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_11351/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:11351</guid>
      <pubDate>Tue, 29 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 12 augustus 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:11351)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De bestuurder van een zorgstichting verzoekt de rechtbank de statuten te wijzigen, omdat de raad van toezicht geen leden meer heeft en daardoor ook geen goedkeuring voor een statutenwijziging kan geven. De rechtbank oordeelt dat ongewijzigde handhaving van de statuten leidt tot ongewenste gevolgen die bij de oprichting niet zijn gewild, mede omdat de statutaire benoeming door de rechtbank onzeker is. Zij wijzigt op grond van artikel 2:294 BW de statuten zodat het bestuur de vacatures in de raad van toezicht kan vervullen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_11351/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Externe bestuurdersaansprakelijkheid indirect bestuurder; verzwaarde motiveringsplicht, bevel artikel 22 Rv</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_5724/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBOVE:2026:5724</guid>
      <pubDate>Tue, 29 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Overijssel, 16 september 2026 (ECLI:NL:RBOVE:2026:5724)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een buitenlandse onderneming vordert van de indirect bestuurder en middellijk enig aandeelhouder van een B.V. betaling van bedragen waartoe die B.V. al onherroepelijk is veroordeeld (terugbetaling van aanbetalingen). Grondslag is externe bestuurdersaansprakelijkheid uit artikel 6:162 BW, mede gelet op artikel 2:11 BW. De rechtbank neemt een verzwaarde motiveringsplicht aan voor de bestuurder en draagt hem op grond van artikel 22 Rv op nadere stukken over te leggen. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBOVE_2026_5724/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Externe bestuurdersaansprakelijkheid jegens mede-aandeelhouder en gelieerde schuldeiser afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_27563/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:27563</guid>
      <pubDate>Tue, 29 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 16 september 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:27563)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een aandeelhouder en een gelieerde schuldeiser stellen de bestuurder-rechtspersoon van een inmiddels failliete vennootschap en diens bestuurder aansprakelijk wegens selectieve betaling, abrupt neergelegd bestuur en een onjuiste voorstelling van zaken. De rechtbank wijst de vorderingen af: geen ernstig persoonlijk verwijt volgens de maatstaf van Ontvanger/Roelofsen. Artikel 2:9 BW verplicht tot behoorlijke taakvervulling jegens de rechtspersoon en leidt niet zonder meer tot aansprakelijkheid jegens aandeelhouder of schuldeiser.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_27563/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Appartementsrecht: rookgasafvoeren gemeenschappelijk; VvE-besluiten niet nietig</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12571/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:12571</guid>
      <pubDate>Mon, 28 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 10 juni 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:12571)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In een appartementencomplex is de vraag of rookgasafvoeren van individuele cv-ketels gemeenschappelijk of privé zijn. De rechtbank oordeelt na uitleg van het modelreglement dat zij gemeenschappelijk zijn. Daarom zijn de besluiten van de VvE over de kostenverhoging niet in strijd met de splitsingsakte en op grond van artikel 2:14 BW niet nietig.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_12571/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Persoonlijke aansprakelijkheid VvE-bestuurders voor uitlatingen op ALV; afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_11974/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:11974</guid>
      <pubDate>Mon, 28 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 6 mei 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:11974)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaar vorderde van de bestuursleden van zijn VvE een verklaring voor recht en rectificatie van uitlatingen op een ledenvergadering, waarin was gezegd dat hij de AVG overtrad. De rechtbank past het vereiste van een persoonlijk ernstig verwijt voor bestuurdersaansprakelijkheid uit artikel 6:162 BW toe: dat ontbreekt bij de niet betrokken bestuurders. Bij de bestuurder die de uitlating deed, weegt de vrijheid van meningsuiting zwaarder dan eer en goede naam. De vorderingen worden afgewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_11974/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Tussenvonnis: tegenstrijdig belang, pauliana en onrechtmatige daad bij doorstart modeketen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBZWB_2026_8750/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBZWB:2026:8750</guid>
      <pubDate>Tue, 22 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 februari 2026 (ECLI:NL:RBZWB:2026:8750)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De curator in het faillissement van een modebedrijf vordert onder meer bestuurdersaansprakelijkheid van de indirect bestuurder en zijn vennootschap, vernietiging van pandrechten en betalingen en schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen. De rechtbank oordeelt dat een eventueel tegenstrijdig belang van de bestuurder niet leidt tot aantasting van rechtshandelingen met derden, omdat artikel 2:239 lid 6 BW een besluitvormingsregel is. De onrechtmatige-daadvordering wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De beslissing over de bestuurdersaansprakelijkheid wordt aangehouden.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBZWB_2026_8750/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Faillissementsaanvraag afgewezen; tegenstrijdig belang bij cessie raakt vertegenwoordigingsbevoegdheid niet</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_1111/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHARL:2026:1111</guid>
      <pubDate>Wed, 09 Sep 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24 februari 2026 (ECLI:NL:GHARL:2026:1111)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een vennootschap die een vordering had verkregen door cessie, verzocht om faillietverklaring van een natuurlijke persoon; de rechtbank wees dit af. De schuldenaar stelde dat de cessie nietig was wegens een tegenstrijdig belang van de indirect bestuurder. Het hof oordeelt dat een gebrek in zo'n besluit de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bestuur niet aantast (artikel 2:239 lid 6 BW). Het hof bekrachtigt de afwijzing, omdat niet aannemelijk is dat de schuldenaar is opgehouden te betalen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_1111/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Verstek: bestuurdersaansprakelijkheid artikel 2:248 BW en bestuursverbod van vijf jaar</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_10671/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:10671</guid>
      <pubDate>Mon, 31 Aug 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 18 maart 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:10671)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een curator vordert van een bestuurder aansprakelijkheid wegens kennelijk onbehoorlijke taakvervulling (artikel 2:248 lid 2 BW), een voorschot op het boedeltekort, een bestuursverbod en schorsing. De bestuurder verschijnt niet en er wordt verstek verleend. De rechtbank vindt de vordering niet onrechtmatig of ongegrond en wijst haar toe. Zij legt een bestuursverbod van vijf jaar op en veroordeelt tot betaling van een voorschot van € 380.332,29.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_10671/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Executiegeschil partneralimentatie; verwijzing naar uitkeringstest artikel 2:216 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_21739/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:21739</guid>
      <pubDate>Tue, 04 Aug 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 23 februari 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:21739)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Kort geding over schorsing van de executie van een beschikking over partneralimentatie. De man voerde onder meer aan dat de beschikking in strijd was met vennootschapsrechtelijke regels, waaronder de uitkeringstest van artikel 2:216 BW. De voorzieningenrechter ziet geen kennelijke misslag en wijst de vorderingen af; Boek 2 speelt slechts een randrol.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_21739/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Ontslag van het gehele stichtingsbestuur en benoeming bestuurder door rechtbank (moskeestichting)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_7177/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:7177</guid>
      <pubDate>Fri, 17 Jul 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <category>Jaarrekening</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 8 januari 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:7177)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Donateurs van een moskeestichting verzochten om ontslag van het hele bestuur. De rechtbank oordeelt dat de donateurs belanghebbenden zijn en dat het bestuur de statutaire bevoegdheden van de donateursvergadering heeft miskend. Ook is de administratie niet in overeenstemming met artikel 2:10 BW en de statuten. De rechtbank ontslaat de bestuurders op grond van artikel 2:298 BW, legt een bestuursverbod van vijf jaar op en benoemt een bestuurder op grond van artikel 2:299 BW.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_7177/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Ontheffing statutair quorumvereiste coöperatieve vereniging op grond van redelijkheid en billijkheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_6981/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:6981</guid>
      <pubDate>Fri, 10 Jul 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 12 maart 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:6981)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een coöperatieve vereniging met 500 leden kon haar statuten niet wijzigen, omdat de statuten aanwezigheid en instemming van alle leden vereisen. De rechtbank verleent op grond van artikel 2:8 lid 2 BW ontheffing van die quorumeis, omdat ongewijzigde handhaving naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. In de eerstvolgende vergadering kan daardoor met een tweederdemeerderheid worden besloten.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_6981/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Waardeloosverklaring hypotheekinschrijving ten gunste van ontbonden vennootschap; heropening vereffening niet nodig</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_16966/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:16966</guid>
      <pubDate>Thu, 02 Jul 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 23 maart 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:16966)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Woningeigenaren vorderen in kort geding dat een hypotheekinschrijving ten gunste van een ontbonden, failliet verklaarde vennootschap waardeloos wordt verklaard, omdat de lening is afgelost. De voorzieningenrechter wijst dit toe op grond van artikel 3:29 BW. De subsidiaire vordering tot heropening van de vereffening op grond van artikel 2:23c BW blijft onbesproken, omdat die niet meer nodig is.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_16966/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid 2:248 BW: schending administratie- en publicatieplicht, disculpatie faalt</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_6388/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:6388</guid>
      <pubDate>Tue, 23 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Jaarrekening</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 18 maart 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:6388)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een curator spreekt de (middellijk) bestuurders van een failliete koeriersonderneming aan voor het boedeltekort op grond van artikel 2:248 BW. De rechtbank oordeelt dat de te late deponering van de jaarrekening en de gebrekkige administratie onbehoorlijke taakvervulling opleveren en dat een belangrijke oorzaak van het faillissement wordt vermoed. Het beroep op een andere oorzaak en op disculpatie slaagt niet; de vorderingen worden hoofdelijk toegewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_6388/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Schorsing stichtingsbestuurder als voorlopige voorziening tijdens ontslagprocedure ex artikel 2:298 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_1760/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHARL:2026:1760</guid>
      <pubDate>Wed, 17 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 24 maart 2026 (ECLI:NL:GHARL:2026:1760)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee zussen zijn samen bestuurder van twee familiestichtingen. De ene zus verzoekt de rechtbank de andere als bestuurder te ontslaan, en de rechtbank schorst die bestuurder tijdelijk tijdens een bevolen onderzoek. Het hof bekrachtigt de schorsing op grond van artikel 2:298 lid 2 BW: er is gerechtvaardigde vrees voor taakverwaarlozing en voor andere gewichtige redenen, waaronder een onwerkbare situatie. Het incidenteel hoger beroep over het ontslagverzoek zelf is niet-ontvankelijk, omdat geen toestemming voor tussentijds hoger beroep is verleend.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHARL_2026_1760/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Nietigheid verenigingsbesluiten Sand Dollar-resort Bonaire wegens omzeiling statutaire gekwalificeerde meerderheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGHACMB_2026_132/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:OGHACMB:2026:132</guid>
      <pubDate>Tue, 09 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 3 februari 2026 (ECLI:NL:OGHACMB:2026:132)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Op Bonaire (BW BES) fronten appartementseigenaren de besluiten van hun vereniging van eigenaren over de aankoop van erfpachtsrechten en de doorberekening van kosten via de resortfee. Het hof oordeelt dat de besluiten nietig zijn wegens strijd met het in de splitsingsakten vastgelegde gratis gebruiksrecht. Het opknippen van één aankoopbesluit om de statutair vereiste gekwalificeerde meerderheid te omzeilen is bovendien nietig op grond van artikel 2:21 lid 2 BW BES, en het bestuur handelt daarmee in strijd met artikel 2:7 BW BES. De vonnissen van het Gerecht worden bevestigd.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGHACMB_2026_132/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK wijst uittreding toe tegen prijs nihil en verwijst samenhangende vorderingen naar rechtbank</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_934/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:934</guid>
      <pubDate>Mon, 08 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Geschillenregeling</category>
      <category>Uitkoop</category>
      <category>Aandelenwaardering</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 10 maart 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:934)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een aandeelhouder in een 50/50 joint venture-vennootschap verzoekt de OK om uittreding, omdat de andere aandeelhouder via een frauduleuze constructie vermogen zou hebben onttrokken. Verweerders voeren geen verweer, zodat de feiten vaststaan. De OK wijst de uittreding toe en bepaalt de prijs op nihil, omdat partijen het eens zijn over de waarde. De overige vorderingen, waaronder betaling van facturen en aansprakelijkheid van de bestuurder, verwijst de OK naar de rechtbank.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_934/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>OK beslist welke 50%-aandeelhouder wordt uitgestoten; collectieve bestuursverantwoordelijkheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_884/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:884</guid>
      <pubDate>Mon, 08 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Geschillenregeling</category>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 6 maart 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:884)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Twee aandeelhouders met elk 50% en een gezamenlijk bestuur verzoeken over en weer uitstoting van de ander; over prijs en voorwaarden is overeenstemming bereikt. De OK oordeelt dat het collegiaal bestuur collectief verantwoordelijk is, omdat de statuten geen interne taakverdeling als bedoeld in artikel 2:9 BW kennen. Alleen het gedrag van één aandeelhouder, onder meer een ongegronde aansprakelijkstelling, maakt voortzetting van haar aandeelhouderschap onaanvaardbaar. Zij moet haar aandelen overdragen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_884/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Enquête: verzoek tot inzage enquêteverslag voor een ieder afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_865/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:865</guid>
      <pubDate>Mon, 08 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 24 maart 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:865)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In een enquêteprocedure vraagt een aandeelhouder de OK om het onderzoeksverslag met bijlagen voor een ieder ter inzage te leggen. De OK wijst dit af en bepaalt dat het verslag alleen voor belanghebbenden ter griffie ter inzage ligt. Zij weegt het uitgangspunt van vertrouwelijkheid zwaarder, omdat nog geen inhoudelijk debat of oordeel over het verslag heeft plaatsgevonden en openbaarmaking het verslag online voor iedereen beschikbaar maakt.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_865/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Enquête beëindigd na schikking; onmiddellijke voorzieningen opgeheven, functionarissen ontheven</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_571/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHAMS:2026:571</guid>
      <pubDate>Mon, 08 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer), 2 februari 2026 (ECLI:NL:GHAMS:2026:571)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Na een bevolen enquête bij een besloten vennootschap trekken de verzoekers na een schikking hun verzoeken tot vaststelling van wanbeleid en tot uittreding in. De OK verklaart hen niet-ontvankelijk en stelt vast dat binnen de termijn van artikel 2:355 lid 2 BW geen ander verzoek is ingediend, zodat de enquêteprocedure is geëindigd. De onmiddellijke voorzieningen worden beëindigd en de benoemde bestuurder, beheerder en onderzoeker worden ontheven.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHAMS_2026_571/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Opheffing conservatoire beslagen na bestuurdersaansprakelijkheidsclaim wegens herstructurering en uitholling afgewezen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_3126/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:3126</guid>
      <pubDate>Thu, 04 Jun 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 11 maart 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:3126)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een opdrachtgever heeft beslag laten leggen op vermogen van bestuurders en aandeelhouders van een aannemingsbedrijf, die hij op grond van artikel 6:162 BW persoonlijk aansprakelijk houdt wegens uitholling van het bedrijf via een herstructurering. De rechtbank wijst de vordering tot opheffing van de beslagen af, omdat niet aannemelijk is gemaakt dat de vordering summierlijk ondeugdelijk is of dat de beslagen onnodig zijn. Over de bestuurdersaansprakelijkheid zelf wordt in de hoofdzaak nader geoordeeld.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_3126/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Actio pauliana: hypotheken groepsvennootschappen en artikel 2:247 lid 2 BW gewone bedrijfsuitoefening</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_1772/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:GHDHA:2026:1772</guid>
      <pubDate>Fri, 29 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gerechtshof Den Haag, 24 februari 2026 (ECLI:NL:GHDHA:2026:1772)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;De curator in het faillissement van een projectvennootschap vernietigt met de actio pauliana hypotheken die kort voor het faillissement zijn gevestigd ten gunste van een financier en van de moedervennootschap. Het hof bekrachtigt dat de hypotheken van de financier vernietigd zijn en dat de hypotheek van de moedervennootschap standhoudt. Het beroep op artikel 2:247 BW faalt omdat de mondelinge afspraak over zekerheden onder lid 2 valt: een rechtshandeling tussen moeder en dochter die tot de gewone bedrijfsuitoefening behoort. Het hof neemt ook het groepsbegrip van artikel 2:24b BW en het meetellen van gecertificeerde aandelen bij artikel 43 Fw mee.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_GHDHA_2026_1772/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bevoegdheid rechtbank bij nietigheid en vernietiging van VvE-besluiten (artikel 2:14 BW)</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_1134/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBMNE:2026:1134</guid>
      <pubDate>Tue, 26 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Midden-Nederland, 21 januari 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:1134)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaresse vordert bij de rechtbank primair nietigheid en subsidiair vernietiging van besluiten van haar vereniging van eigenaars. De vereniging stelt dat alleen de kantonrechter bevoegd is en dat een verzoekschrift nodig is. De rechtbank acht zich bevoegd, omdat de nietigheidsvordering berust op artikel 2:14 BW, en beoordeelt om redenen van doelmatigheid ook de subsidiaire vernietigingsvordering. De provisionele vordering tot schorsing van besluiten wijst zij af als onvoldoende onderbouwd.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_1134/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Ontslag stichtingsbestuurders afgewezen; belanghebbende, tegenstrijdig belang, artikel 2:298 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_11472/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:11472</guid>
      <pubDate>Tue, 26 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 19 maart 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:11472)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een oud-bestuurder en een donateur/vrijwilliger van een stichting verzochten de rechtbank om ontslag van de bestuurders op grond van artikel 2:298 BW. De donateur is niet-ontvankelijk, omdat hij geen belanghebbende is. De rechtbank wijst het verzoek van de oud-bestuurder af, omdat de gestelde taakverwaarlozing en het tegenstrijdig belang van de voorzitter onvoldoende zijn onderbouwd en voor ontslag een hoge drempel geldt.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_11472/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Inzage financiële stukken: verzoek tegen voormalig bestuurder in plaats van bewaarder niet-ontvankelijk</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_2523/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBNHO:2026:2523</guid>
      <pubDate>Fri, 15 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Ontbinding, vereffening en turboliquidatie</category>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Noord-Holland, 12 maart 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:2523)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een schuldeiser van een failliete B.V. verzocht om een voorlopig deskundigenbericht of inzage in de financiële stukken, om een aansprakelijkheidsprocedure tegen de voormalig bestuurder voor te bereiden. De rechtbank verklaart het verzoek niet-ontvankelijk, omdat het had moeten worden gericht tegen de bewaarder van de boeken en bescheiden (artikel 2:24 BW) en artikel 2:11 BW in deze procedure geen toepassing vindt. Ten overvloede wijst de rechtbank het verzoek af wegens gebrek aan belang, omdat de curator het onderzoek al had verricht.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBNHO_2026_2523/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid artikel 2:248 BW toegewezen; indirect bestuurder en bestuursverbod</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2026_3389/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBGEL:2026:3389</guid>
      <pubDate>Fri, 15 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Jaarrekening</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Gelderland, 28 januari 2026 (ECLI:NL:RBGEL:2026:3389)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een curator sprak de enig bestuurder van een failliete bouwvennootschap en de bestuurder en aandeelhouder van die bestuurder aan voor het faillissementstekort op grond van artikel 2:248 BW. De rechtbank oordeelt dat de boekhoud- en publicatieplicht (artikelen 2:10 en 2:394 BW) zijn geschonden, zodat onbehoorlijke taakvervulling vaststaat en het vermoeden van een belangrijke oorzaak van het faillissement niet is weerlegd. Via artikel 2:11 BW is ook de natuurlijke persoon als indirect bestuurder aansprakelijk. Het tekort, een voorschot van € 500.000 en een bestuursverbod van vijf jaar worden toegewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBGEL_2026_3389/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Vernietiging VvE-besluit over hoogte erfafscheiding dektuinen wegens strijd met redelijkheid</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_4626/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:4626</guid>
      <pubDate>Tue, 12 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 31 maart 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:4626)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een appartementseigenaar vraagt vernietiging van een besluit van de vergadering van eigenaars dat de hoogte van erfafscheidingen op dektuinen beperkt. De kantonrechter oordeelt dat het besluit niet nietig is, omdat de splitsingsakte de vergadering de bevoegdheid geeft. Wel vernietigt zij het besluit wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid van artikel 2:8 BW, via artikel 2:15 lid 1 onder b BW. De belangen van bewoners met een dektuin zijn onvoldoende meegewogen en er was maar één voorstel ter stemming.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_4626/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Put-optie aandeelhoudersovereenkomst; geen ernstig persoonlijk verwijt aan bestuurders bij niet-afnemen aandelen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_4633/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:4633</guid>
      <pubDate>Tue, 12 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 18 februari 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:4633)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een aandeelhouder oefent een put-optie uit een aandeelhoudersovereenkomst uit en vordert afname van haar aandelen. Zij stelt ook de bestuurder van de vennootschap en de bestuurder van die bestuurder (artikel 2:11 BW) persoonlijk aansprakelijk wegens betalingsonwil. De rechtbank wijst de bestuurdersaansprakelijkheid af, omdat geen ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt nu de vennootschap aantoonbaar financiering heeft gezocht. De vennootschap zelf moet de aandelen afnemen en wettelijke handelsrente betalen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_4633/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Ernstig verwijt aan OK-bestuurder wegens tegenstrijdig belang bij verkoop dochtervennootschappen</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_4396/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBAMS:2026:4396</guid>
      <pubDate>Tue, 12 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <category>Besluitvorming en vernietigbaarheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Amsterdam, 4 maart 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:4396)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een door de OK benoemde tijdelijk bestuurder verkocht namens de vennootschap de dochtervennootschappen aan een koper waarin hij zelf een belang van zestig procent verwierf, en verhulde dat later. De rechtbank oordeelt dat hij een tegenstrijdig belang had en zich had moeten onthouden van besluitvorming (artikel 2:239 lid 6 BW), zodat hem een ernstig verwijt treft. Decharge en vrijwaring baten hem niet. Hij moet de juridische kosten en een ten onrechte opgenomen depotbedrag vergoeden; de managementvergoedingen worden niet toegewezen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBAMS_2026_4396/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Bestuurdersaansprakelijkheid direct en middellijk bestuurders factoringbedrijf jegens obligatiehouders; artikel 2:11 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_9818/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:9818</guid>
      <pubDate>Mon, 04 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 28 januari 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:9818)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een stichting voor obligatiehouders spreekt de directe en middellijk bestuurders van een failliet factoringbedrijf aan, omdat zij leningen aan gelieerde partijen verstrekten in strijd met de obligatievoorwaarden. De rechtbank oordeelt dat de directe bestuurder een persoonlijk ernstig verwijt treft. Op grond van artikel 2:11 BW zijn de middellijk bestuurders hoofdelijk aansprakelijk, omdat zij zich niet hebben gedisculpeerd. Ook een gelieerde vennootschap handelt onrechtmatig door te profiteren van wanprestatie, en de echtgenote van een bestuurder is op grond van artikel 1:102 BW hoofdelijk verbonden. De schade wordt verwezen naar een schadestaatprocedure.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_9818/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Enquête supermarktketen Curaçao: onderzoek bevolen en tijdelijke bestuurder benoemd</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGHACMB_2026_85/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:OGHACMB:2026:85</guid>
      <pubDate>Mon, 04 May 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Enquêterecht</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 26 maart 2026 (ECLI:NL:OGHACMB:2026:85)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een minderheidsaandeelhouder in de houdstermaatschappij van een supermarktgroep op Curaçao vraagt om een enquête over de hele groep en om een tijdelijke bestuurder. Het Gemeenschappelijk Hof oordeelt op grond van het enquêterecht van het BWC dat het jarenlang ontbreken van jaarrekeningen gegronde redenen geeft om aan een juist beleid te twijfelen. Het Hof beveelt een onderzoek en benoemt voorlopig een tijdelijke bestuurder met doorslaggevende stem, met de opdracht te zorgen voor een structurele inrichting van de besturen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_OGHACMB_2026_85/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Fonds voor gemene rekening geen rechtspersoon, niet-ontvankelijk in kort geding ontruiming</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_3436/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBROT:2026:3436</guid>
      <pubDate>Wed, 29 Apr 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Overig Boek 2</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Rotterdam, 23 maart 2026 (ECLI:NL:RBROT:2026:3436)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;In dit kort geding vorderen de eigenaar en betrokkenen ontruiming van een bedrijfsruimte wegens huurachterstand. De kantonrechter verklaart het fonds voor gemene rekening niet-ontvankelijk omdat het geen rechtspersoon is in de zin van artikel 2:1 tot 2:3 BW en dus geen procespartij kan zijn. De ontruiming wordt toegewezen aan de juridisch eigenaar. Boek 2 speelt slechts een zijdelingse rol.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBROT_2026_3436/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Omzetting stichting in B.V. en ontklemming vermogen ex artikel 2:18 BW</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_1349/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBMNE:2026:1349</guid>
      <pubDate>Wed, 29 Apr 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Vereniging, stichting en coöperatie</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Midden-Nederland, 25 februari 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:1349)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Een stichting die zorg- en welzijnswerk verricht, verzoekt om machtiging tot omzetting in een B.V. en om ontklemming van haar vermogen op grond van artikel 2:18 BW. De rechtbank wijst beide verzoeken toe, omdat aan de wettelijke eisen is voldaan en derden door de ontklemming geen nadeel ondervinden.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBMNE_2026_1349/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
    <item>
      <title>Persoonlijke aansprakelijkheid (oud)bestuurders en commissarissen zorgaanbieder wegens onrechtmatige declaraties</title>
      <link>https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_5069/</link>
      <guid isPermaLink="false">ECLI:NL:RBDHA:2026:5069</guid>
      <pubDate>Fri, 24 Apr 2026 12:00:00 GMT</pubDate>
      <category>Bestuurdersaansprakelijkheid</category>
      <description>&lt;p&gt;&lt;em&gt;Rechtbank Den Haag, 4 maart 2026 (ECLI:NL:RBDHA:2026:5069)&lt;/em&gt;&lt;/p&gt;&lt;p&gt;Zorgverzekeraars vorderen terugbetaling van declaraties over 2017 van een zorgaanbieder die niet meewerkte aan een materiële controle. De rechtbank oordeelt dat de zorgaanbieder tekortschoot en dat ook de (oud)bestuurders en (oud)commissarissen persoonlijk een ernstig verwijt valt te maken. Zij zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het subsidiair gevorderde bedrag van ruim € 2,9 miljoen. Matiging en verjaring worden verworpen.&lt;/p&gt;&lt;p&gt;&lt;a href=&quot;https://uitspraken-ondernemingsrecht.nl/uitspraak/ECLI_NL_RBDHA_2026_5069/&quot;&gt;Lees meer&lt;/a&gt;&lt;/p&gt;</description>
    </item>
  </channel>
</rss>
