Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer) · 20 mei 2026
Geschillenregeling: aanvullend voorschot deskundige en werkwijze waardering aandelen
- Geschillenregeling
- Aandelenwaardering
- Boek 2 BW
Samenvatting
In een geschillenregeling bij de OK is een deskundige benoemd om de waarde van de aandelen van een aandeelhouder te onderzoeken. De OK kent een aanvullend voorschot van € 21.223 toe voor een accountantsonderzoek naar de maandcijfers en wijst het verzoek om nu al een mondelinge behandeling te bepalen af. Zij benadrukt de zelfstandige positie van de deskundige, de toepassing van hoor en wederhoor en dat de OK zelf de prijs van de aandelen vaststelt.
Kernoverwegingen
“De Ondernemingskamer oordeelt als volgt. Nu er geen bezwaren zijn aangevoerd tegen het aanvullende voorschot en het verzoek de Ondernemingskamer niet onredelijk voorkomt, zal de Ondernemingskamer het verzoek van de deskundige als na te noemen toewijzen.”
r.o. 2.2
“Wat betreft het verzoek om nu reeds een mondelinge behandeling te bepalen oordeelt de Ondernemingskamer dat zij geen aanleiding ziet om af te wijken van hetgeen zij in haar beschikking in deze zaak van 7 augustus 2025 heeft bepaald. Dat betekent dat partijen na indiening van het deskundigenbericht in de gelegenheid zullen worden gesteld schriftelijk op het deskundigenbericht te reageren en hun zienswijze kenbaar te maken, waarna de Ondernemingskamer (tenzij alle partijen laten weten daarop geen prijs te stellen) een mondelinge behandeling zal bepalen ter bespreking van het deskundigenbericht en de vaststelling van de prijs van de over te dragen aandelen.”
r.o. 2.3
“Ten aanzien van de opmerkingen en verzoeken van [broer II] c.s. zoals genoemd onder 1.9, overweegt de Ondernemingskamer als volgt. De deskundige verricht zijn werkzaamheden zelfstandig en is, behoudens eventuele aanwijzingen in een beschikking van de Ondernemingskamer of de raadsheer-commissaris, in beginsel vrij in de inrichting van het deskundigenonderzoek en het deskundigenbericht. Bij het uitvoeren van zijn opdracht neemt hij de leidraad voor deskundigen in de geschillenregeling in acht. Daaruit volgt onder meer dat hij toegang heeft tot de boeken en bescheiden van de vennootschap (zie artikel 5.5. leidraad); hetzelfde geldt voor de door hem ingeschakelde derden, voor zover die daarbij belang hebben. De deskundige past het beginsel van hoor en wederhoor toe (artikel 5.13 leidraad), ook na een significante wijziging van het concept deskundigenbericht (artikel 5.18 leidraad). Het is aan de deskundige om te bepalen of de reacties van partijen in het kader van hoor en wederhoor ertoe nopen het concept te herzien. In dat geval dient de deskundige daarover in het rapport verantwoording af te leggen (vgl. artikel 5.17 leidraad). Ten slotte verricht de deskundige zijn werkzaamheden met voortvarendheid (artikel 3.6 leidraad). Partijen zijn op hun beurt verplicht mee te werken aan het onderzoek. Die verplichting omvat onder meer dat zij zich dienen te voegen naar de door de deskundige te bepalen redelijke termijnen en dat zij de deskundige tijdig van informatie dienen te voorzien.”
r.o. 2.4