← Week 45

Gerechtshof Den Haag · 27 oktober 2026

Geen persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder voor onrechtmatige concurrentie door broer en eigen vennootschap

  • Aansprakelijkheid afgewezen
  • Bestuurdersaansprakelijkheid
  • Art. 6:162 BW

Samenvatting

Twee IT-vennootschappen stellen de (indirect) bestuurder van een nieuwe vennootschap in persoon aansprakelijk voor onrechtmatige concurrentie, die zijn broer zou hebben gepleegd. Het hof oordeelt dat uit de enkele positie als bestuurder en uit het mogelijk profiteren geen eigen onrechtmatige daad volgt en wijst de vorderingen af.

Kernoverwegingen

“De aansprakelijkheid van [appellant] zal worden beoordeeld op basis van uitsluitend art. 6:162 BW. Voor ambtshalve aanvulling van de rechtsgronden is hier geen plaats omdat Issue c.s. de rechtsgrond van hun vorderingen expliciet hebben beperkt tot die van een eigen onrechtmatige daad van [appellant].”

r.o. 5.6.1

“Ook wanneer veronderstellenderwijs wordt aangenomen dat [broer] (al dan niet samen met IDM en IDTM) zich schuldig heeft gemaakt aan onrechtmatige concurrentie – is het onrechtmatig handelen van [appellant] onvoldoende onderbouwd. Issue c.s. hebben geen relevante feitelijke gedragingen gesteld die erop wijzen dat [appellant] betrokken was bij de betreffende communicatie met klanten en leveranciers. Zonder nadere toelichting valt niet in te zien waarom uit de contacten die [appellant] bij Issue had met klanten en leveranciers in de periode 2013-2015 kan worden afgeleid dat hij heeft meegewerkt aan het benaderen van klanten en relaties door [broer] jaren later. Ook uit zijn bijstand aan [broer] in diens dispuut met [betrokkene] (zie r.o. 2.10 en 2.11 hierboven) – waarbij hij bij [betrokkene] het standpunt van [broer] heeft bepleit, blijkt dergelijk handelen niet.”

r.o. 5.6.2

“Voor de stelling van Issue c.s. dat [appellant] op de hoogte moet zijn geweest van het verweten onrechtmatig handelen door [broer], bestaan geen concrete aanknopingspunten. Het feit dat [appellant] bestuurder is van IDTM en daarmee beleidsbepalend en eindverantwoordelijk is voor het handelen van die vennootschap, zoals het uitbrengen van twee offertes aan een klant van Issue (NXP Semiconductors), is dan onvoldoende voor (bestuurders)-aansprakelijkheid op grond van 6:162 BW.”

r.o. 5.6.3

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2026:3083
Instantie
Gerechtshof Den Haag
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
27 oktober 2026
Datum publicatie
3 november 2026
Spoor
Art. 6:162 BW
Wetsartikelen
6:162 BW
Thema
Bestuurdersaansprakelijkheid
Aangesproken
bestuurder
Uitkomst aansprakelijkheid
afgewezen
Weekoverzicht
Week 45 van 2026

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.