Hoge Raad · 6 februari 2004
Reinders Didam c.s./Gunning q.q.
Boedeltekort failliete B.V. en dividendbesluit; cassatie verworpen op grond van artikel 81 RO
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Besluitvorming en vernietigbaarheid
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
Samenvatting
Een curator vorderde van twee partijen vergoeding van het tekort in het faillissement van een B.V. wegens onrechtmatig handelen jegens de crediteuren, en vernietiging van een dividendbesluit. De rechtbank wees de vordering tot vergoeding van het tekort toe en het hof bekrachtigde dat. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep met een korte motivering op grond van artikel 81 RO.
Kernoverweging
“Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 941,34 aan verschotten en € 1.365,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president R. Herrmann als voorzitter en de raadsheren H.A.M. Aaftink, D.H. Beukenhorst, O. de Savornin Lohman en A.M.J. van Buchem-Spapens, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president P. Neleman op 6 februari 2004.”
r.o. 3