← Week 51

Hoge Raad · 21 december 2012

Nietigheid toekenning onkostenvergoedingen door stichting aan gemeenteraadslid; onverschuldigde betaling

  • Besluitvorming en vernietigbaarheid
  • Vereniging, stichting en coöperatie
  • Boek 2 BW
  • Zijdelings

Samenvatting

Een stichting die fractieondersteuning van een gemeente ontving, keerde daaruit forfaitaire onkostenvergoedingen uit aan een gemeenteraadslid en vorderde die terug als onverschuldigd betaald. De Hoge Raad oordeelt dat de toekenning nietig is wegens strijd met artikel 99 Gemeentewet (artikel 3:40 lid 2 BW). De klacht over nietigheid van stichtingsbesluiten op grond van artikel 2:14 en 2:16 BW faalt, omdat het oordeel op de nietigheid van de rechtshandeling berust en niet op die van het interne besluit.

Kernoverweging

“Dit onderdeel gaat uit van een onjuiste lezing van de beslissing van het hof en kan daarom niet tot cassatie leiden. De beslissing van het hof is gebaseerd op de nietigheid van de rechtshandeling van de Stichting waarbij [eiseres] de vergoeding is toegekend, en niet op de (eventuele) nietigheid van het (interne) besluit van de Stichting waarop die rechtshandeling berust. 3.6 Onderdeel 1.4 klaagt dat het hof ten onrechte heeft geoordeeld dat art. 99 Gemeentewet de strekking heeft de geldigheid van de betalingen aan [eiseres] aan te tasten als bedoeld in art. 3:40 lid 2 BW. Dit onderdeel faalt, omdat uit het hiervoor in 3.4.3 en 3.4.4 overwogene volgt dat dit oordeel juist is. 3.7.1 Onderdeel 1.5 klaagt dat het hof ten onrechte zonder motivering is voorbijgegaan aan het verweer van [eiseres] dat toewijzing van de vordering uit onverschuldigde betaling van de Stichting naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, nu [eiseres] niet wist dat de betalingen ongeoorloofd waren en zij deze heeft aangewend voor uitgaven in verband met haar functie. 3.7.2 Ook dit onderdeel is ongegrond. Het hof heeft in rov. 3.7 geoordeeld dat, anders dan [eiseres] heeft aangevoerd, de door haar van de betalingen van de Stichting gedane uitgaven niet in aanmerking komen voor vergoeding onder de Verordening op de fractieondersteuning, nu zij geen uitgaven betreffen die zijn te rekenen tot fractieondersteuning in de zin van die verordening, maar louter betrekking hebben op […]”

r.o. 3.5.2

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BX9023
Instantie
Hoge Raad
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
21 december 2012
Datum publicatie
21 december 2012
Spoor
Boek 2 BW
Wetsartikelen
2:14 BW, 2:16 BW, 3:40 BW
Thema
Besluitvorming en vernietigbaarheid, Vereniging, stichting en coöperatie
Weekoverzicht
Week 51 van 2012

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.