Hoge Raad · 30 november 2012
Bestuurdersaansprakelijkheid art. 6:162 BW, verjaring; cassatieberoep verworpen op grond van artikel 81 RO
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Art. 6:162 BW
Samenvatting
Een bestuurder stelde cassatieberoep in tegen een arrest van het hof in een zaak over zijn persoonlijke aansprakelijkheid op grond van artikel 6:162 BW, mede met een beroep op verjaring. De Hoge Raad verwerpt het beroep zonder nadere motivering op grond van artikel 81 RO, omdat de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Kernoverweging
“Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Artesia begroot op € 5.965,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, M.A.Loth, C.E. Drion en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 30 november 2012.”
r.o. 3