Hoge Raad · 4 december 2020
Bestuurdersaansprakelijkheid wegens niet-naleving CAO door uitzendbureau; cassatie verworpen
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Art. 6:162 BW
Samenvatting
De Hoge Raad verwerpt met een korte artikel 81 RO-motivering het cassatieberoep in een zaak over bestuurdersaansprakelijkheid wegens niet-naleving van de CAO door een uitzendbureau. Het arrest van het hof, dat het oordeel van de rechtbank bekrachtigde, blijft daarmee in stand. Een inhoudelijke motivering ontbreekt.
Kernoverweging
“Beoordeling van de middelen De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Vlimo c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van SNCU begroot op € 6.802,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 4 december 2020 .”
r.o. 2