← Week 16

Hoge Raad · 22 april 2022

Bestuurdersaansprakelijkheid: cassatieberoep verworpen op grond van artikel 81 RO

  • Bestuurdersaansprakelijkheid
  • Art. 6:162 BW

Samenvatting

De Hoge Raad verwerpt in een korte uitspraak op grond van artikel 81 RO het cassatieberoep in een zaak over bestuurdersaansprakelijkheid. De motiveringsklachten tegen het arrest van het hof kunnen niet tot vernietiging leiden. Uit de uitspraak zelf blijkt niet op welke grondslag de aansprakelijkheid is gesteld.

Kernoverweging

“Beoordeling van het middel De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt HDR c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster 1] begroot op nihil en aan de zijde van [verweerder 2] begroot op € 2.177,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien HDR c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan. Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, F.J.P. Lock en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 22 april 2022 .”

r.o. 2

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:HR:2022:629
Instantie
Hoge Raad
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
22 april 2022
Datum publicatie
22 april 2022
Spoor
Art. 6:162 BW
Thema
Bestuurdersaansprakelijkheid
Aangesproken
bestuurder
Weekoverzicht
Week 16 van 2022

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.