Hoge Raad · 1 maart 2024
Uitleg statutaire verdeling vereffeningsoverschot coöperatie; cassatieberoep verworpen op grond van artikel 81 RO
- Vereniging, stichting en coöperatie
- Ontbinding, vereffening en turboliquidatie
- Boek 2 BW
Samenvatting
Leden van een coöperatie in liquidatie komen in cassatie op tegen een beschikking over de uitleg van een statutaire bepaling voor de verdeling van het overschot bij vereffening. De Hoge Raad verwerpt het beroep op grond van artikel 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatie, zonder nadere motivering.
Kernoverweging
“Beoordeling van het middel De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad: - verwerpt het beroep; - veroordeelt [eiseressen] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van CNC begroot op € 857,-- aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiseressen] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan, en aan de zijde van [verweerster 1 en 2] , [verweersters 3 t/m 32] en Oakfield c.s. begroot op nihil. Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 1 maart 2024 .”
r.o. 2