Hoge Raad · 26 september 2025
Joint venture-geschil: cassatie over uittreding en schorsing uitvoerend bestuurder verworpen
- Geschillenregeling
- Overig Boek 2
- Boek 2 BW
Samenvatting
Cassatieberoep in een joint venture-geschil waarin de uittreding uit een vennootschap en de schorsing van een uitvoerend bestuurder (toetsing aan redelijkheid en billijkheid) aan de orde waren. De Hoge Raad verwerpt het beroep met toepassing van artikel 81 lid 1 RO, zonder nadere motivering. De inhoudelijke beoordeling van de Boek 2-bepalingen is daardoor niet uit het arrest zelf af te leiden.
Kernoverweging
“Beoordeling van het middel De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3 Beslissing De Hoge Raad: - verwerpt het beroep; - veroordeelt Windward c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Junzheng c.s. begroot op € 8.206,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Windward c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan. Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, F.J.P. Lock en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 26 september 2025 .”
r.o. 2