← Week 47Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 26 november 1897
Voorrang vennootschapsschuldeisers op vof-baten bij faillissement van vennoten
- Personenvennootschappen
- Personenvennootschappen
Samenvatting
Bij het faillissement van twee vennoten van een vennootschap onder firma gaat het om de vraag of vennootschapsschuldeisers bij voorrang uit de vennootschapsbaten moeten worden voldaan. De conclusie meent van niet: een wettelijke grondslag voor voorrang ontbreekt en de bepalingen over vereffening in het Wetboek van Koophandel zien op gewone liquidatie en niet op faillissement. Zij strekt tot vernietiging van het arrest van het hof.
Gegevens
- ECLI
ECLI:NL:PHR:1897:1- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Soort
- Conclusie
- Datum uitspraak
- 26 november 1897
- Datum publicatie
- 28 april 2023
- Spoor
- Personenvennootschappen
- Thema
- Personenvennootschappen
Delen
Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.
ECLI:NL:PHR:1897:1Parket bij de Hoge Raad26 november 1897Bij het faillissement van twee vennoten van een vennootschap onder firma gaat het om de vraag of vennootschapsschuldeisers bij voorrang uit de vennootschapsbaten moeten worden voldaan. De conclusie meent van niet: een wettelijke grondslag voor voorrang ontbreekt en de bepalingen over vereffening in het Wetboek van Koophandel zien op gewone liquidatie en niet op faillissement. Zij strekt tot vernietiging van het arrest van het hof.1897-11-26Parket bij de Hoge Raad1897-11PersonenvennootschappenPersonenvennootschappen