← Week 49

Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 9 december 2016

Bestuurdersaansprakelijkheid: verkoop zonder AVA-goedkeuring en belastingteruggaaf, ernstig verwijt

  • Aansprakelijkheid toegewezen
  • Bestuurdersaansprakelijkheid
  • Besluitvorming en vernietigbaarheid
  • Boek 2 BW
  • Art. 6:162 BW

Samenvatting

Een vennootschap en haar aandeelhouder spraken de rechtspersoon-bestuurder aan omdat die activa had verkocht zonder statutair vereiste goedkeuring van de AVA en een voor de vennootschap bestemde belastingteruggaaf had behouden. De A-G concludeert dat schending van een statutaire bepaling ter bescherming van de vennootschap in beginsel een ernstig verwijt oplevert, ook zonder voorafgaande rechterlijke uitspraak. Bij een separate onrechtmatige daad buiten de bestuurstaak geldt de verhoogde drempel van het persoonlijk ernstig verwijt niet. De conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

Kernoverwegingen

“Samenvattend: iedere bestuurder is op grond van art. 2:9 BW hoofdelijk aansprakelijk voor schade voortkomend uit onbehoorlijk bestuur, tenzij hem mede gelet op de aan andere bestuurders toebedeelde taken geen ernstig verwijt kan worden gemaakt en hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen van onbehoorlijk bestuur af te wenden. Handelen in strijd met een statutaire bepaling die strekt tot bescherming van de vennootschap levert in beginsel een ernstig verwijt op, waarmee de aansprakelijkheid van de bestuurder is gevestigd. Draagt de bestuurder echter feiten en omstandigheden aan die meebrengen dat de statutenschending geen ernstig verwijt oplevert, dan dient de rechter die uitdrukkelijk in zijn oordeelsvorming te betrekken.”

r.o. 4.11

“Het onderscheidende criterium is of de bestuurder aansprakelijk wordt gehouden voor een tekortkoming of onrechtmatig handelen van de vennootschap: zo ja, dan dient hem persoonlijk een ernstig verwijt te kunnen worden gemaakt. Gaat het echter om een persoonlijk onrechtmatig handelen door de bestuurder, beter gezegd: om een handeling die hij niet in zijn hoedanigheid als bestuurder heeft verricht, dan geldt deze verhoogde drempel voor aansprakelijkheid niet. De vraag is dus of de aangesproken persoon in zijn hoedanigheid van bestuurder handelde. Betreft het een handeling namens of voor de vennootschap, dan dient primair de vennootschap te worden aangesproken; wordt ook de bestuurder naast de vennootschap aangesproken dan geldt voor zijn bestuurdersaansprakelijkheid de strengere eis van het persoonlijk ernstig verwijt. Als de bestuurder niet in zijn hoedanigheid als bestuurder handelde, kan hij langs de gewone weg van art. 6:162 BW worden aangesproken en geldt deze verhoogde drempel voor aansprakelijkheid niet.”

r.o. 4.20

“Zoals reeds aangegeven (hiervoor 4.7 en verder) heeft Uw Raad in het arrest Schwandt/Berghuizer Papierfabriek geoordeeld dat een handeling in strijd met statutaire bepalingen die de rechtspersoon beogen te beschermen als een zwaarwegende omstandigheid moet worden aangemerkt, die in beginsel de aansprakelijkheid van de bestuurder vestigt. Bij Uw Raad heeft nog niet ter beoordeling voorgelegen of een statutaire bepaling die goedkeuring van de AVA voorschrijft (al dan niet) (mede) strekt ter bescherming van de vennootschap. In het licht van de feitenrechtspraak en literatuur op dit punt lijkt geen algemene (rechts)regel te bestaan die inhoudt dat een statutaire bepaling, die goedkeuring van bepaalde besluiten door de aandeelhoudersvergadering voorschrijft, nimmer (mede) ter bescherming van de vennootschap zou strekken (hiervoor 4.9).”

r.o. 5.15

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:PHR:2016:1264
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Soort
Conclusie
Datum uitspraak
9 december 2016
Datum publicatie
10 februari 2017
Spoor
Boek 2 BW, Art. 6:162 BW
Wetsartikelen
2:9 BW, 2:11 BW, 6:162 BW
Thema
Bestuurdersaansprakelijkheid, Besluitvorming en vernietigbaarheid
Aangesproken
bestuurder
Uitkomst aansprakelijkheid
toegewezen
Weekoverzicht
Week 49 van 2016

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.