Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 13 maart 2020
Rechtsbijstandsverzekeraar aansprakelijk; C-factor kantonrechtersformule; 403-aansprakelijkheid slechts feitelijk genoemd
- Overig Boek 2
- Boek 2 BW
- Zijdelings
Samenvatting
Een werknemer stelt haar rechtsbijstandsverzekeraar aansprakelijk omdat in een ontbindingsprocedure geen tegenverzoek tot ontbinding is ingediend. De conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep, omdat het hof geen schade heeft aangenomen bij een lagere correctiefactor in de kantonrechtersformule. Boek 2 speelt alleen een feitelijke rol: de werknemer maakte gebruik van het verzet tegen beëindiging van de 403-aansprakelijkheid van de moedermaatschappij.
Kernoverwegingen
“Op 15 november 2013 heeft mr. Eisenberger namens [eiseres] op de voet van art. 2:404, vijfde lid, BW een verzetschrift ingediend tegen het voornemen van [B] B.V. tot beëindiging van de overblijvende aansprakelijkheid voor schulden uit rechtshandelingen van [A].”
r.o. 1.9
“Bij beschikking van 11 februari 2014 heeft de rechtbank Noord-Holland beslist op het verzetschrift tegen het voornemen van [B] B.V. tot beëindiging van de overblijvende aansprakelijkheid voor schulden uit rechtshandelingen van [A]. De rechtbank heeft bepaald dat [B] B.V. ten behoeve van [eiseres] zekerheid moet stellen voor betaling van € 113.000,--. Deze beschikking is bij beschikking van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam van 23 juli 2014 bekrachtigd. [B] B.V. heeft vervolgens de aan [eiseres] toegekende vergoeding van € 113.000,-- voldaan.”
r.o. 1.12