← Week 23

Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 6 juni 2025

Middellijk bestuurder aansprakelijk wegens misleiding investeerders; ernstigverwijtmaatstaf of gewone onrechtmatige daad

  • Aansprakelijkheid toegewezen
  • Bestuurdersaansprakelijkheid
  • Art. 6:162 BW

Samenvatting

Een middellijk bestuurder is door het hof op grond van onrechtmatige daad aansprakelijk gehouden voor de schade van investeerders die waren misleid over een gestelde geheime receptuur en wier investering deels was weggesluisd. In cassatie klaagt hij dat het hof de gewone regels voor onrechtmatige daad heeft toegepast in plaats van de ernstigverwijtmaatstaf voor bestuurdersaansprakelijkheid. De A-G meent dat de uitkomst ook bij die strengere maatstaf gelijk zou zijn en dat de vordering mede op handelen buiten de hoedanigheid van bestuurder was gebaseerd. Hij concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.

Kernoverwegingen

“Het vergt maar weinig voorstellingsvermogen om te zien dat de uitkomst dan niet anders was geweest. Kort en goed: dat waarop het hof in rov. 5.9-5.33 van het arrest [eiser] aansprakelijkheid uit hoofde van art. 6:162 BW jegens Techfront c.s. baseert, sluit in dat het desbetreffende onrechtmatige handelen van [eiser] jegens Techfront c.s. tevens als aan [eiser] persoonlijk ernstig verwijtbaar valt aan te merken. Dat zou logischerwijs ook zo zijn geweest als het hof daarbij was uitgegaan van handelen van [eiser] in hoedanigheid van (indirect) bestuurder van “Safami c.s.” (althans van een of meer van deze vennootschappen).”

r.o. 3.10.2

“Het lijdt m.i. dan ook geen twijfel dat een hypothetisch verwijzingshof, uitgaande van die in het arrest vastgestelde verwijten jegens [eiser] , bij toepassing van de voor art. 6:162 BW-bestuurdersaansprakelijkheid geldende verzwaarde aansprakelijkheidsmaatstaf (de eis van een persoonlijk ernstig verwijt) zou oordelen dat ook die lat wordt gehaald.”

r.o. 3.10.4

“Hieruit volgt reeds dat Techfront c.s. ter zake in eerste aanleg voor meer dan één anker is gaan liggen. Kort en goed: zij had blijkens 3.11.1-3.11.4 hiervoor [eiser] niet alleen op de korrel als (indirect) bestuurder van “Safami c.s.” (althans van een of meer van deze vennootschappen), want ook los van diens handelen in die hoedanigheid vanwege schending van een zorgvuldigheidsnorm die losstaat van zijn taakuitoefening als (indirect) bestuurder. Daarmee strookt dat Techfront c.s. in hoger beroep heeft benadrukt, daarbij breed formulerend (niet toegespitst op bestuurdersaansprakelijkheid van [eiser] jegens Techfront c.s.), dat zij al in eerste aanleg “aan hun vorderingen ten grondslag hebben gelegd dat [eiser + Group A] onrechtmatig hebben gehandeld” en “dit onrechtmatig handelen [hebben] gemotiveerd en onderbouwd”.”

r.o. 3.11.5

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:PHR:2025:658
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Soort
Conclusie
Datum uitspraak
6 juni 2025
Datum publicatie
12 juni 2025
Spoor
Art. 6:162 BW
Wetsartikelen
6:162 BW, 6:98 BW, 6:100 BW, 6:101 BW
Thema
Bestuurdersaansprakelijkheid
Aangesproken
bestuurder
Uitkomst aansprakelijkheid
toegewezen
Weekoverzicht
Week 23 van 2025

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.