Rechtbank Amsterdam · 18 mei 2026
Kort geding beslaglegger tegen verplaatsing vermogen naar Hongarije; verwijzing naar grensoverschrijdende omzetting
- Fusie en splitsing
- Boek 2 BW
- Zijdelings
Samenvatting
Een beslaglegger op aandelen in een Amsterdamse vennootschap vordert in kort geding een verbod op het verplaatsen van vermogensbestanddelen naar Hongarije en de benoeming van een tijdelijk bestuurder. De voorzieningenrechter wijst dit af, mede omdat de vennootschap toezegt geen vermogen te verplaatsen en wijst op de wettelijke procedure voor grensoverschrijdende omzetting (artikel 2:235 e.v. BW). Wel wordt een beperkt informatierecht toegewezen.
Kernoverweging
“In de brief van haar advocaat van 30 april 2026 (zie 2.6) heeft SST toegezegd dat, mocht zij desondanks enige vorm van herstructurering overwegen, zij hierbij de in Nederland verplichte procedures zal volgen. In de brief staat hierover: “Should SST ever contemplate any form of corporate restructuring, whether in whole or in part, that could result in its business, assets, or registered office being relocated outside the Netherlands, such a transaction would by operation of Dutch law be subject to a mandatory statutory procedure.” Op de mondelinge behandeling van dit kort geding heeft de advocaat van SST expliciet gewezen op de artikelen 2:235 e.v. BW waarin wettelijke voorschriften zijn opgenomen die strekken tot bescherming van onder meer schuldeisers.”
r.o. 4.4