← Week 32

Rechtbank Amsterdam · 24 juli 2026

VvE-bijdrage-achterstand; kascommissie ex artikel 2:48 BW; verzet tegen verstekvonnis

  • Vereniging, stichting en coöperatie
  • Boek 2 BW
  • Zijdelings

Samenvatting

Een VvE vordert in een verzetprocedure betaling van een forse bijdrage-achterstand van een lid; de kantonrechter bekrachtigt het verstekvonnis en wijst de reconventionele vorderingen af. Boek 2 speelt slechts een kleine rol: bij de verwerping van het verweer dat een onafhankelijke kascommissie nodig is, verwijst de kantonrechter naar artikel 2:48 BW. Het verzoek om de bestuurders in persoon te veroordelen strandt omdat zij geen procespartij zijn.

Kernoverweging

“De VvE heeft bij dagvaarding een specificatie van de gevorderde bedragen overgelegd. Na de mondelinge behandeling heeft de VvE ook jaaroverzichten van de gevorderde kosten over 2021 tot en met 2025 overgelegd met de daarbij horende relevante stukken en besluiten van de algemene ledenvergaderingen van de VvE. Tegenover deze stukken heeft [eiser] onvoldoende betwist dat de gevorderde kosten/bijdragen onterecht in rekening zijn gebracht. De website van de VvE is daarvoor niet leidend, maar de besluiten van de algemene ledenvergadering. Ingevolge artikel 5:113 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is [eiser] verplicht de door de vergadering bij besluit vastgestelde bijdragen te betalen. Als hij het niet eens was met die besluiten van de VvE had hij binnen vier weken daarna vernietiging van die besluiten aan de kantonrechter kunnen vragen, maar dat heeft hij niet gedaan. Dit betekent dat de hoogte van verplichte bijdragen per jaar nu vaststaan. [eiser] stelt nog wel dat een VvE sinds 2016 verplicht is om een onafhankelijke kascommissie de inkomsten en uitgaven te laten controleren en dat dit nooit is gebeurd, maar deze verplichting volgt niet uit de wet. Ingevolge artikel 2:48 BW dient de kascommissie te worden gevormd door twee leden van de VvE, niet zijnde het bestuur, maar dus niet door van de VvE onafhankelijke personen. Verder voert [eiser] aan dat hij bepaalde kosten wel betaald heeft, maar het had dan tegenover de gespecificeerde overzichten van de VvE op zijn weg gelegen om […]”

r.o. 4.3

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2026:7771
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
24 juli 2026
Datum publicatie
4 augustus 2026
Spoor
Boek 2 BW
Wetsartikelen
2:48 BW
Thema
Vereniging, stichting en coöperatie
Weekoverzicht
Week 32 van 2026

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.