← Week 38

Rechtbank Amsterdam · 8 september 2026

VvE-besluit tot ontzegging gebruik appartement vernietigd wegens strijd met redelijkheid en billijkheid

  • Besluitvorming en vernietigbaarheid
  • Vereniging, stichting en coöperatie
  • Boek 2 BW

Samenvatting

Een appartementseigenaar die zonder toestemming langdurig en overlastgevend verbouwde, kreeg van zijn vereniging van eigenaars een ontzegging van de toegang tot zijn appartement opgelegd. De rechtbank toetst het besluit aan de artikelen 2:14, 2:15 en 2:8 BW en verwerpt de formele bezwaren. Zij vernietigt het ontzeggingsbesluit toch, omdat het als dwangmiddel geen oplossing biedt en een boete een beter alternatief was. De tegenverzoeken van de vereniging, onder meer een bouwkeuring op kosten van de eigenaar, worden grotendeels toegewezen.

Kernoverwegingen

“Artikel 2:8 lid 1 BW bepaalt dat een rechtspersoon en degenen die krachtens de wet en de statuten bij zijn organisatie zijn betrokken, zich als zodanig jegens elkaar moeten gedragen naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd. Een besluit is vernietigbaar indien het naar inhoud of totstandkoming in strijd is met de voornoemde gedragsregel. Voor vernietiging van een besluit op deze grond is alleen plaats als de vereniging van eigenaars bij afweging van alle bij het besluit betrokken belangen in redelijkheid en naar billijkheid niet tot haar besluit heeft kunnen komen, bijvoorbeeld als de meerderheid haar machtspositie misbruikt of op andere wijze onvoldoende rekening houdt met de gerechtvaardigde belangen van een minderheid. Het gaat daarbij om een marginale toetsing van het besluit.”

r.o. 4.3

“De kantonrechter gaat voorbij aan deze stellingen van [verzoeker] , omdat niet is weersproken dat de oproeping [verzoeker] op tijd voor de vergadering heeft bereikt. Het besluit is met een zo grote meerderheid van stemmen aangenomen, dat de stem van [verzoeker] , als hij wel zou zijn verschenen en zou hebben tegengestemd, niet tot verwerpen van het voorstel zou hebben geleid. [verzoeker] heeft onvoldoende gesteld dat hij een redelijk belang heeft bij vernietiging van het besluit op deze gronden.”

r.o. 4.10

“De ontzegging van het gebruik is een ingrijpende maatregel en kan alleen onder zwaarwegende omstandigheden worden opgelegd in situaties waarin alternatieven ontbreken. Gewoonlijk gaat het daarbij om onbehoorlijk gedrag jegens de andere bewoners of van ernstige verstoring van de rust in het gebouwdoor een eigenaar/gebruiker. Daartoe is de inzet van het ontzeggingsbesluit echter niet beperkt. Dit besluit kan gelet op de tekst van artikel 27 MR1992 ook worden opgelegd aan een eigenaar die andere (huis)regels overtreedt. In dit geval is sprake van ernstige en structurele overtreding van die regels, zoals uit het voorgaande blijkt. Feitelijk is de ontzegging een drukmiddel om [verzoeker] te dwingen om tot een snelle afronding van de renovatie te komen.”

r.o. 4.16

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2026:9075
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
8 september 2026
Datum publicatie
15 september 2026
Spoor
Boek 2 BW
Wetsartikelen
2:14 BW, 2:15 BW, 2:8 BW, 5:124 BW, 5:129 BW, 5:130 BW
Thema
Besluitvorming en vernietigbaarheid, Vereniging, stichting en coöperatie
Weekoverzicht
Week 38 van 2026

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.