Rechtbank Den Haag · 21 januari 2026
Bestuurdersaansprakelijkheid na staking activiteiten: vordering verjaard, geen onrechtmatig handelen
- Aansprakelijkheid afgewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
Samenvatting
Een schuldeiser stelde de voormalige bestuurder en enig aandeelhouder van een lege vennootschap persoonlijk aansprakelijk uit onrechtmatige daad en kennelijk onbehoorlijk bestuur, omdat de vennootschap in 1990 zonder voorziening voor de vordering werd achtergelaten. De rechtbank oordeelt dat de vorderingen zijn verjaard door de lange verjaringstermijn van twintig jaar. Ten overvloede oordeelt zij dat niet is voldaan aan de hoge drempel van ernstige persoonlijke verwijtbaarheid en dat vereenzelviging en paulianeus handelen niet slagen. De vorderingen worden afgewezen.
Kernoverwegingen
“Voor zover Dynatools Oranjewoud wenst te vereenzelvigen met Delphi Data, doordat zij meent dat Oranjewoud aansprakelijk is voor de restant-schuld van Delphi Data, volgt de rechtbank Dynatools niet. Voor vereenzelviging – toch al een zeldzaam toepasbaar middel (ECLI:NL:HR:2000:AA7480 Rainbow Limited) - heeft Dynatools geen deugdelijke onderbouwing aangedragen. Voor de stelling dat op onrechtmatige misbruik is gemaakt van identiteitsverschil heeft Dynatools ook geen bruikbare feiten en omstandigheden naar voren gebracht. […]”
r.o. 4.5
“De rechtbank tekent aan dat in dit geding niet aan de orde is geweest of Oranjewoud het verwijt kan worden gemaakt dat zij (kort gezegd) nakoming van de betalingsverplichting door Delphi Data tegenover Dynatools heeft gefrustreerd. Dat verwijt heeft Dynatools Oranjewoud immers niet, en in ieder geval niet voldoende herkenbaar en behoorlijk feitelijk onderbouwd, gemaakt .””
r.o. 4.7
“De rechtbank stelt het volgende voorop. Enkel onder bijzondere omstandigheden is, naast de aansprakelijkheid van een de vennootschap, ook ruimte voor aansprakelijkheid van een bestuurder van de vennootschap. Voor het aannemen van aansprakelijkheid van een bestuurder naast de vennootschap gelden dus hogere eisen dan in het algemeen het geval is. Van ernstige persoonlijke verwijtbaarheid van de bestuurder van een vennootschap kan sprake zijn als deze namens de vennootschap een verbintenis is aangegaan terwijl hij wist, althans behoorde te weten, dat de vennootschap de daaruit voortvloeiende verplichtingen niet zou kunnen nakomen en evenmin verhaal zou bieden voor de daardoor door de schuldeiser te lijden schade. Van een persoonlijk ernstige verwijtbarheid van een bestuurder kan verder sprake zijn indien die bestuurder willens en wetens heeft bewerkstelligd of toegelaten dat de vennootschap haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt met schade voor zijn wederpartij als voorzienbaar gevolg. Het is ook mogelijk dat er op een andere grond ernstige persoonlijke verwijtbaarheid is van een bestuurder van een vennootschap, zodanig dat die bestuurder aansprakelijk is tegenover een schuldeiser van de vennootschap.”
r.o. 4.10