Rechtbank Den Haag · 22 april 2026
Inzagerecht lid in administratie VvE; redelijkheid en billijkheid
- Vereniging, stichting en coöperatie
- Boek 2 BW
- Zijdelings
Samenvatting
Een lid van een vereniging van eigenaars vordert inzage in en afschrift van bankafschriften en grootboekrekeningen van de VvE en van een privérekening van een bestuurder. De rechtbank wijst dit af op grond van het modelreglement en artikel 194 Rv. Artikel 2:8 BW komt slechts ter sprake als mede grondslag voor de beperking van het inzagerecht op grond van redelijkheid en billijkheid.
Kernoverweging
“Hoewel artikel 41 lid 6 van het Reglement geen beperkingen vermeldt, is het recht op inzage dat in dit artikel van het Reglement is toegekend naar het oordeel van de rechtbank niet onbeperkt. Zo mag het effectief besturen van [gedaagde 2] niet worden belemmerd en dient het inzagerecht in beginsel te worden gebruikt overeenkomstig haar doel, te weten het creëren van transparantie en ter redelijke controle en betrokkenheid van de leden bij het functioneren van [gedaagde 2] . Het bestuur van [gedaagde 2] heeft in deze een discretionaire bevoegdheid en mag telkens een afweging maken welke informatie zij aan een eigenaar verstrekt die daarom verzoekt en ook in welke vorm zij dat doet. Het bestuur van [gedaagde 2] kan weigeren om documenten te verstrekken als dit in strijd is met de redelijkheid en billijkheid of als dit de effectieve werking van het bestuur zou belemmeren. Dit vloeit mede voort uit artikel 2:8 BW.”
r.o. 5.14