Rechtbank Noord-Nederland · 2 april 2026
Afwijzing eigen aangifte faillissement wegens misbruik van bevoegdheid bij lege boedel
- Ontbinding, vereffening en turboliquidatie
- Boek 2 BW
- Zijdelings
Samenvatting
Een besloten vennootschap deed eigen aangifte tot faillietverklaring terwijl de boedel nagenoeg leeg was. De rechtbank wijst het verzoek af wegens misbruik van bevoegdheid, omdat het doel van het faillissement niet kan worden bereikt en geen te respecteren belang is gebleken. Boek 2 speelt een bijrol: de rechtbank noemt de bestuurdersaansprakelijkheid van artikel 2:9 BW als mogelijke bron van activa en wijst op de mogelijkheid van turboliquidatie via artikel 2:19 BW.
Kernoverweging
“Uit de eigen aangifte van [verzoeker] B.V. en uit de toelichting van de bestuurders ter zitting is gebleken dat sprake is van een boedel die (nagenoeg) geen activa omvat en dat er geen enkele aanleiding bestaat voor de verwachting dat in het faillissement, bijvoorbeeld met toepassing van art. 42 Fw of art. 2:9 BW, activa zullen kunnen worden gegenereerd. Het doel van een faillissement, te weten verdeling door de curator van het vermogen van de schuldenaar onder diens gezamenlijke schuldeisers, zal niet kunnen worden bereikt. Van enig rechtens te respecteren belang, van de vennootschap of van relevante derden, bij de faillissementsaanvraag is niet gebleken. Dat geldt temeer nu de bestuurders van [verzoeker] B.V. de weg van art. 2:19 BW (turboliquidatie) hadden kunnen bewandelen. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat (het bestuur van) de rechtspersoon de bevoegdheid aangifte tot faillietverklaring te doen – en daarmee de te benoemen curator te belasten met werkzaamheden zonder dat hij/zij hiervoor een vergoeding tegemoet kan zien – heeft misbruikt.”
r.o. 2.3