← Week 40

Rechtbank Overijssel · 16 september 2026

Externe bestuurdersaansprakelijkheid indirect bestuurder; verzwaarde motiveringsplicht, bevel artikel 22 Rv

  • Aansprakelijkheid aangehouden/tussenuitspraak
  • Bestuurdersaansprakelijkheid
  • Boek 2 BW
  • Art. 6:162 BW

Samenvatting

Een buitenlandse onderneming vordert van de indirect bestuurder en middellijk enig aandeelhouder van een B.V. betaling van bedragen waartoe die B.V. al onherroepelijk is veroordeeld (terugbetaling van aanbetalingen). Grondslag is externe bestuurdersaansprakelijkheid uit artikel 6:162 BW, mede gelet op artikel 2:11 BW. De rechtbank neemt een verzwaarde motiveringsplicht aan voor de bestuurder en draagt hem op grond van artikel 22 Rv op nadere stukken over te leggen. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

Kernoverwegingen

“De rechtbank stelt voorop dat als een vennootschap tekortschiet in de nakoming van een verbintenis of een onrechtmatige daad pleegt, het uitgangspunt is dat alleen de vennootschap aansprakelijk is voor daaruit voortvloeiende schade. Onder bijzondere omstandigheden kan, naast aansprakelijkheid van die vennootschap, ook ruimte zijn voor aansprakelijkheid van een bestuurder van de vennootschap. Voor het aannemen van zodanige aansprakelijkheid is vereist dat de vennootschap haar verplichtingen niet nakomt en dat de bestuurder ter zake een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt. Daarbij geldt een hoge drempel: bestuurders zijn niet aansprakelijk voor iedere gemaakte fout of vergissing. Het antwoord op de vraag of de bestuurder persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt is afhankelijk van de aard en ernst van de normschending en de overige omstandigheden van het geval.”

r.o. 5.5

“Van een persoonlijk ernstig verwijt is sprake als (1) de bestuurder namens de vennootschap verplichtingen aangaat, waarvan hij weet of redelijkerwijs behoort te begrijpen dat de vennootschap deze verplichting niet zal kunnen nakomen en geen verhaal zal bieden voor de ten gevolge van de wanprestatie geleden schade of (2) de bestuurder heeft bewerkstelligd of toegelaten dat een door hem bestuurder vennootschap haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt en daardoor aan de wederpartij schade berokkent. Er kunnen zich echter ook andere omstandigheden voordoen op grond waarvan een ernstig persoonlijk verwijt kan worden aangenomen. Het zal van de concrete omstandigheden van het geval afhangen of het aan de bestuurder te maken verwijt voldoende ernstig is om hem persoonlijk aansprakelijk te houden.”

r.o. 5.6

“Het ligt (in beginsel) op de weg van de benadeelde schuldeiser om te stellen, en zo nodig te bewijzen, dat de betreffende bestuurder persoonlijk jegens hem onrechtmatig heeft gehandeld (artikel 150 Rv). Onder omstandigheden wordt voor de aangesproken (gewezen) bestuurder een verzwaarde motiveringsplicht aangenomen. Dit is het geval als de bestuurder de volledige zeggenschap heeft over de onderneming, de eiser zijn vordering aannemelijk heeft gemaakt en de informatie ter beoordeling van de vordering in het domein van de bestuurder liggen. Van de bestuurder wordt dan verwacht dat hij in het kader van zijn gemotiveerde betwisting van de stellingen van de schuldeiser nadere gegevens dient te overleggen, bijvoorbeeld over de financiële situatie van de vennootschap, omdat de bestuurder, anders dan de schuldeiser, erover kan beschikken.

Uitgangspunt”

r.o. 5.8

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:RBOVE:2026:5724
Instantie
Rechtbank Overijssel
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
16 september 2026
Datum publicatie
29 september 2026
Spoor
Boek 2 BW, Art. 6:162 BW
Wetsartikelen
6:162 BW, 2:11 BW, 10:119 BW
Thema
Bestuurdersaansprakelijkheid
Aangesproken
bestuurder
Uitkomst aansprakelijkheid
aangehouden/tussenuitspraak
Weekoverzicht
Week 40 van 2026

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.