Rechtbank Overijssel · 14 oktober 2026
Faillissementscurator vordert bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW; verstek en tussenvonnis
- Aansprakelijkheid aangehouden/tussenuitspraak
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
Samenvatting
Een curator vordert in twee faillissementen van drie niet verschenen gedaagden hoofdelijke aansprakelijkheid voor het faillissementstekort, primair op grond van artikel 2:248 jo 2:11 BW. Bij verstek acht de rechtbank de verklaringen voor recht als niet onrechtmatig en niet ongegrond toewijsbaar. Voor de geldvorderingen moet de curator de hoogte en opbouw nader toelichten; verdere beslissingen zijn aangehouden.
Kernoverwegingen
“Tegen [gedaagden] is door de rechtbank verstek verleend, omdat de rechtbank niet is gebleken dat bij het dagvaarden de voorgeschreven termijnen en formaliteiten niet in acht zijn genomen. In dat geval wijst de rechtbank een tegen een gedaagde partij ingestelde vordering toe, tenzij de vordering haar onrechtmatig of ongegrond voorkomt (artikel 139 Rv).”
r.o. 2.3
“De curator heeft primair een beroep gedaan op artikel 2:248 jo artikel 2:11 BW. De gevorderde verklaringen voor recht inhoudende – kort gezegd – dat [gedaagden] hoofdelijk aansprakelijk zijn jegens zowel de boedel van Dutch Solar Systems B.V. als de boedel van [gedaagde 3] B.V. voor het gehele tekort in de faillissementen, kunnen als niet onrechtmatig en/of niet ongegrond worden toegewezen.”
r.o. 2.4