← Week 31

Rechtbank Rotterdam · 8 juli 2026

Coöperatie: opzegging of ontzetting uit lidmaatschap en afrekening met uitgetreden leden

  • Vereniging, stichting en coöperatie
  • Besluitvorming en vernietigbaarheid
  • Boek 2 BW

Samenvatting

Een coöperatie beëindigde het lidmaatschap van twee leden en stelde dat sprake was van ontzetting, waardoor geen restitutie verschuldigd zou zijn. De rechtbank oordeelt op basis van de tekst en strekking van de brieven dat sprake is van opzegging, ongeacht de eensluidende opvatting van partijen. De coöperatie moet daarom met de twee voormalige leden afrekenen, inclusief restitutie van contributie, en een vennootschap die zelf geen lid was krijgt geen gelijk.

Kernoverwegingen

“Bij de beantwoording van de vraag of sprake is van een ontzetting uit het lidmaatschap van [gedaagde] of van een opzegging daarvan is niet doorslaggevend of partijen het daarover eens zijn. Het gaat hier immers niet om een feitelijke vraag, maar om de vraag hoe de feiten in deze zaak juridisch gekwalificeerd moeten worden.”

r.o. 5.5

“De brieven van 23 mei 2024 van (het bestuur van) [gedaagde] moeten naar het oordeel van de rechtbank worden aangemerkt als opzeggingsbrieven. Dat blijkt allereerst uit het onderwerp dat in de briefhoofden is vermeld, namelijk “opzegging lidmaatschap [gedaagde] per 22-05-2024”. Vervolgens staat in de brieven dat “met inachtneming van artikel 3.6b van de statuten” het vertrouwen in de samenwerking is opgezegd en de samenwerking niet voortgezet kan worden. Artikel 3.6, aanhef en onder b, van de statuten van [gedaagde] gaat over opzegging van het lidmaatschap en niet (ook) over ontzetting uit het lidmaatschap; die ontzetting is geregeld in artikel 3 lid 7 van de statuten. Verder is aan het einde van de brieven aangekondigd dat nog een afrekening zal plaatsvinden en dat eventuele facturen voor verrichte diensten op de gebruikelijke manier verwerkt zullen worden. Ook deze aankondiging wijst in de richting van een opzegging, omdat bij ontzetting uit het lidmaatschap in de visie van [gedaagde] geen (terug)betaling behoort plaats te vinden. Dat in de brieven van 23 mei 2024 ook één keer het woord ontzetting is vermeld, zonder nadere duiding of context, weegt tegen het voorgaande niet op.”

r.o. 5.6

“Wat het [gedaagde] heeft aangevoerd ter onderbouwing van haar standpunt dat sprake is van ontzetting uit het lidmaatschap leidt niet tot een ander oordeel. De tekst en strekking van de brieven van 23 mei 2024 wijzen gelet op het voorgaande heel duidelijk in de richting van een opzegging. Voorts is van belang dat de brieven afkomstig zijn van [gedaagde] en dat het in de eerste plaats haar eigen verantwoordelijkheid is om daarin duidelijk tot uitdrukking te brengen wat zij beoogt. Als ontzetting uit het lidmaatschap was beoogd, had dat in de brief moeten staan. De rechtbank begrijpt dat (het bestuur van) [gedaagde] niet over specifieke juridische deskundigheid beschikt, maar dat geldt ook voor [naam] en [eiser 1]. Zij hoefden uit de brieven van 23 mei 2024 niet op te maken dat zij – ondanks de duidelijke tekst en strekking ervan – waren ontzet uit het lidmaatschap van [gedaagde]. De stelling van [gedaagde] dat het heel duidelijk is dat ontzetting uit het lidmaatschap is beoogd, is niet nader onderbouwd en strookt ook niet met de genoemde afrekening die nog zal plaatsvinden. Haar stellingen dat het verstrekkende gevolgen zou hebben als de rechtbank de brieven ziet als opzeggingsbrieven en dat dan gevreesd moet worden dat niemand meer in het bestuur van het [gedaagde] wil, zijn evenmin concreet onderbouwd, daargelaten of deze stellingen relevant kunnen zijn voor de uitleg van de brieven.”

r.o. 5.7

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:RBROT:2026:8533
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
8 juli 2026
Datum publicatie
28 juli 2026
Spoor
Boek 2 BW
Thema
Vereniging, stichting en coöperatie, Besluitvorming en vernietigbaarheid
Weekoverzicht
Week 31 van 2026

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.