Gerechtshof Amsterdam · 6 oktober 2026
Onrechtmatige daad middellijk bestuurder: valse facturen en buitenlandse rekeningen, vermoeden te ontzenuwen
- Aansprakelijkheid aangehouden/tussenuitspraak
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
Samenvatting
Een vennootschap vordert van haar voormalige (middellijk) bestuurder schadevergoeding uit onrechtmatige daad, omdat hij met valse facturen gelden naar buitenlandse entiteiten zou hebben weggesluisd en daarvan persoonlijk zou hebben geprofiteerd. Het hof wijst de vordering van de holding af, omdat zij zelf niet is benadeeld. Voor het overige acht het hof voorshands aannemelijk dat gelden zijn onttrokken en dat de bestuurder daarvan heeft geprofiteerd; hij mag dit vermoeden ontzenuwen. Het hof houdt iedere verdere beslissing aan.
Kernoverwegingen
“Het hof stelt voorop dat voor persoonlijke aansprakelijkheid van [geïntimeerde] voor de schade van [appellanten] wegens onrechtmatig handelen, ook moet komen vast te staan dat [geïntimeerde] daarvan persoonlijk heeft geprofiteerd. Indien alleen komt vast te staan dat onder het bestuur van [geïntimeerde] gelden uit de onderneming zijn gevloeid, zonder dat daar een tegenprestatie tegenover stond, kan er sprake zijn van slecht of ontoereikend bestuur. Voor persoonlijke aansprakelijkheid van [geïntimeerde] is in dat geval nodig dat hem als bestuurder persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Op die grondslag is de vordering echter niet ingesteld. Desgevraagd is ter zitting namens [appellanten] ook bevestigd dat hun vordering niet ziet op bestuurdersaansprakelijkheid.”
r.o. 6.3
“Van het hiervoor bedoelde bedrag van € 19.890,15 is € 9.463,91 overgeboekt voordat [geïntimeerde] (indirect) bestuurder was van OLSI. Een bedrag van € 10.426,24 is overgeboekt in de periode dat [geïntimeerde] (vanaf december 2020) via [bedrijf] middellijk statutair bestuurder was. Voor in ieder geval het boekjaar 2021 geldt dat de onder het bestuur van [bedrijf] opgestelde jaarrekening is vastgesteld en goedgekeurd en dat daarvoor aan [bedrijf] als bestuurder decharge is verleend. Indien echter komt vast te staan dat het om valse facturen gaat en dat [geïntimeerde] het geld kort gezegd OLSI heeft ontfutseld, kan hij aan die decharge in redelijkheid geen rechten of aanspraken ontlenen omdat dan tevens vast staat dat de jaarrekening waarvoor de decharge is verleend, door zijn toedoen geen waarheidsgetrouw beeld heeft gegeven.”
r.o. 6.12
“Naar het oordeel van het hof heeft [geïntimeerde] op de concrete verwijten die hem worden gemaakt ontwijkend en niet afdoende gereageerd (onder meer in de memorie van antwoord onder 5.11), terwijl het zowel in zijn eerste rol als algemeen manager als in zijn latere rol van statutair bestuurder, op zijn weg ligt om hierover duidelijkheid te verschaffen. Daarbij kan niet uit het oog worden verloren dat hij kennelijk de voornaamste (en mogelijk enige) contactpersoon van Rental Service Spain was. Zijn reactie blijft echter steken in algemeenheden, zonder dat hij concreet heeft gemaakt welke tegenprestaties Rental Service Spain heeft geleverd.”
r.o. 6.19