← Week 41

Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer) · 7 oktober 2026

OK wijst enquêteverzoek bij OCI af na belangenafweging; voorzieningen eindigen 1 januari 2027

  • Enquêterecht
  • Besluitvorming en vernietigbaarheid
  • Boek 2 BW

Samenvatting

Minderheidsaandeelhouders van een beursvennootschap verzochten een enquête naar aanleiding van een voorgenomen verkoop van alle activa en passiva aan een vennootschap met dezelfde meerderheidsaandeelhouder. De OK wijst het verzoek af: de twijfel over de afweging van de belangen van minderheidsaandeelhouders vóór de eerste beschikking is niet geheel weggenomen, maar na het alternatief van een bod in contanten en aanvullend onderzoek weegt het belang van de vennootschap bij het uitblijven van een enquête zwaarder. De onmiddellijke voorzieningen eindigen per 1 januari 2027.

Kernoverwegingen

“Niet weggenomen is echter de twijfel van de Ondernemingskamer of het bestuur bij het besluit tot het aangaan van de transactie met Orascom de belangen van minderheidsaandeelhouders voldoende heeft verdisconteerd. De Ondernemingskamer onderschrijft de bevindingen van de OK-bestuurders op dit punt, als neergelegd in het persbericht van 1 juli 2026 (zie 3.51). Het gaat, kort gezegd, om de optelsom van de volgende aspecten van de transactie. - Na de bekendmaking van de voorgenomen fusie met Orascom op 22 september 2025 is de beurskoers van het aandeel OCI aanzienlijk gedaald en na de bekendmaking van het besluit tot het aangaan van de transactie is de beurskoers verder gedaald, tot € 2,55, om vervolgens weer wat te stijgen. - Die ontwikkeling maakte het voor de minderheidsaandeelhouders onaantrekkelijk hun aandelen op de beurs te verkopen. Als zij dat niet deden, werden zij door de Orascom-transactie gedwongen aandeelhouder in Orascom. - Orascom is een onderneming van geheel andere aard dan OCI en is uitsluitend aan beurzen in het Midden-Oosten genoteerd. - NNS zou over de verkrijging van aandelen in Orascom geen dividendbelasting zijn verschuldigd, maar een groot aantal minderheidsaandeelhouders wel. - Weliswaar is – naar inmiddels wel tussen partijen vaststaat – voor alle minderheidsaandeelhouders een (online, Nederlandse) broker beschikbaar die de mogelijkheid biedt om ADX-genoteerde aandelen aan te houden, maar voor een flinke groep aandeelhouders is dat een andere broker […]”

r.o. 4.20

“Met de OK-bestuurders is de Ondernemingskamer van oordeel dat de combinatie van de Orascom-transactie met het bod van NNS in contanten voldoende en redelijk gewicht geeft aan de belangen van OCI’s minderheidsaandeelhouders.”

r.o. 4.22

“Die twijfel kan echter niet het gelasten van een enquête rechtvaardigen. De bevoegdheid een enquête te bevelen is, ook als er gegronde redenen zijn om aan een juist beleid of een juiste gang van zaken te twijfelen, een discretionaire. Daarbij dient een afweging van de betrokken belangen plaats te vinden. De belangenafweging moet steunen op de feiten en omstandigheden van het concrete geval, waarbij naast de doeleinden van het enquêterecht mede moeten worden betrokken de aard van het tussen de verzoeker en de rechtspersoon bestaande geschil en de bezwaren tegen een ruime toepassing van het middel van enquête. De regeling van het enquêterecht is gericht op het belang van de rechtspersoon en bij de belangenafweging staat dat belang daarom voorop.”

r.o. 4.27

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:2888
Instantie
Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer)
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
7 oktober 2026
Datum publicatie
7 oktober 2026
Spoor
Boek 2 BW
Wetsartikelen
2:107a BW
Thema
Enquêterecht, Besluitvorming en vernietigbaarheid
Weekoverzicht
Week 41 van 2026

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.