Hoge Raad · 29 maart 2019
Prospectusaansprakelijkheid middellijk bestuurder obligatiefonds Spaans vastgoed; cassatieberoep verworpen
- Aansprakelijkheid afgewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Art. 6:162 BW
Samenvatting
Een claimstichting van obligatiehouders in een beleggingsfonds in Spaans vastgoed sprak de middellijk bestuurder van het fonds en de voorzitter van de stichting obligatiehouders in persoon aan wegens een gestelde misleidend prospectus. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep met toepassing van artikel 81 lid 1 RO, omdat de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen. Het oordeel van het hof blijft daarmee in stand.
Kernoverweging
“Beoordeling van het middel in het principale beroep De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde. 4 Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het principale beroep; veroordeelt de Claimstichting in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 2.049,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, M.J. Kroeze en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 29 maart 2019 .”
r.o. 3