← Week 4

Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 23 januari 2004

Ontslag statutair bestuurder B.V.; bevoegdheidsregel artikel 2:241 BW in voorbijgaan genoemd

  • Overig Boek 2
  • Boek 2 BW
  • Zijdelings

Samenvatting

Een statutair bestuurder van een B.V. is door de aandeelhoudersvergadering ontslagen en vordert onder meer nietigverklaring van de ontslagbesluiten. In cassatie gaat het vooral om de uitleg van processtukken en een ontslagbrief, de werking van artikel 7:677 BW en de ontslagbescherming op grond van het BBA. Boek 2 speelt alleen een rol doordat artikel 2:241 BW kort wordt genoemd als bevoegdheidsregel. De conclusie strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

Kernoverweging

“Zie art. 402 Rv. 6 Zie o.a. de commentaren in NJB 2003, p. 1761 e.v. 7 Ik noem, als voorbeeld van dergelijke problemen, de vraag of voor de bestuurder van een vennootschap die in zijn hoedanigheid van bestuurder is ontslagen, maar wiens arbeidsovereenkomst door dat ontslag niet is beëindigd, alsnog de aan de art. 6 en 9 BBA te ontlenen "ontslagbescherming" komt te gelden. Zie daarover bijvoorbeeld De Bock, SMA 2002, p. 507; De Boode, ArbeidsRecht 2001, p. 10; Van der Ploeg - Van den Heuvel c.s., Ontslag van bestuurders van rechtspersonen, 1999, p. 25 - 26 en p. 53; Verburg, ArbeidsRecht 1998, p. 20. 8 Waarbij de onderdelen van het middel verdedigen of tot uitgangspunt nemen, dat het ontslagbesluit van 29 februari 2000 ertoe strekte, de dienstbetrekking met onmiddelijke ingang te beëindigen; zie daarover het hierna in alinea's 15 - 18 met betrekking tot middelonderdeel 4 te besprekene. 9 Het uitgangspunt van dit middelonderdeel, namelijk dat ook een "onregelmatig" ontslag tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst leidt, is ongetwijfeld juist. Dat blijkt al uit (de tekst van) art. 7:677 BW. Het wordt in de doctrine algemeen zo geleerd, zie bijvoorbeeld Arbeidsovereenkomst (losbl.), Luttmer - Kat, art. 677, aant. 2. 10 Zo geldt de bedoelde schadeloosstelling niet als loon, wat verschil kan maken voor de inhoudingsplicht van de werkgever en de fiscale beoordeling ten opzichte van de werknemer, en voor de mate waarin aan de werknemer opgekomen voordelen tot matiging aanleiding […]”

r.o. 5

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:PHR:2004:AM2914
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Soort
Conclusie
Datum uitspraak
23 januari 2004
Datum publicatie
23 januari 2004
Spoor
Boek 2 BW
Wetsartikelen
2:241 BW
Thema
Overig Boek 2
Weekoverzicht
Week 4 van 2004

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.