← Week 47

Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 21 november 2014

Bestuurdersaansprakelijkheid: ernstig persoonlijk verwijt bij niet tijdig ingeroepen financieringsvoorbehoud

  • Aansprakelijkheid afgewezen
  • Bestuurdersaansprakelijkheid
  • Art. 6:162 BW

Samenvatting

In deze conclusie in cassatie gaat het om de persoonlijke aansprakelijkheid van een indirect bestuurder die een vennootschap zonder middelen als koper van aandelen aanwees en het financieringsvoorbehoud niet correct inriep. De A-G acht de klacht gegrond dat het hof niet heeft vastgesteld dat de bestuurder een voldoende ernstig persoonlijk verwijt treft. Hij concludeert tot vernietiging van het arrest.

Kernoverwegingen

“Deze klacht van onderdelen 2.1 t/m 2.4 is gegrond. Het hof heeft geoordeeld (in rov. 4.11, 4.15) dat [eiser 1] onrechtmatig gehandeld heeft jegens Antea c.s. door een samenstel van handelingen, bestaande uit: (a) het namens Crane Services accepteren van de aanwijzing als partij bij de overeenkomst, terwijl Crane Services op dat moment een vrijwel lege vennootschap was die op dat moment niet aan die overeenkomst kon voldoen en die daarvoor ook geen verhaal bood, en (b) het niet verschaffen van de nodige financiële middelen en ook niet tijdig en correct inroepen van het financieringsvoorbehoud. De door het hof vastgestelde onrechtmatigheid houdt uitdrukkelijk geen verband met de vraag of [eiser 1] en Crane Services ten tijde van de aanwijzing van Crane Services als contractspartij (op 7 november 2011) erop mochten vertrouwen dat de aangevraagde financiering ook verstrekt zou worden (zie rov. 4.15, een na laatste volzin; zie ook rov. 4.22).”

r.o. 3.9

“Uit de bovengenoemde gronden blijkt dat de vastgestelde onrechtmatigheid (in elk geval mede) gebaseerd is op het handelen van [eiser 1] in zijn hoedanigheid van indirect bestuurder van Crane Services. Van aansprakelijkheid van [eiser 1] op grond van onrechtmatige daad kan hier om die reden slechts sprake zijn indien [eiser 1] in zoverre een voldoende ernstig persoonlijk verwijt treft. Onderdelen 2.1 t/m 2.4 wijzen er terecht op dat uit het bestreden arrest niet blijkt dat aan deze voorwaarde voor persoonlijke aansprakelijkheid is voldaan.”

r.o. 3.10

“De vaststelling dat sprake is van een ernstig persoonlijk verwijt, ligt – in tegenstelling tot hetgeen verweersters in cassatie betogen – ook niet in het oordeel van het hof besloten. In eerdere jurisprudentie is aangenomen dat in bepaalde gevallen verondersteld mag worden dat voldaan is aan het vereiste van een ‘ernstig persoonlijk verwijt’. Dit betreft gevallen waarin de bestuurder bij het namens de vennootschap aangaan van verbintenissen wist of redelijkerwijze behoorde te begrijpen dat de vennootschap niet aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen en geen verhaal zou bieden. Uit het bestreden arrest blijkt niet dat van een dergelijke situatie sprake zou zijn. Het hof heeft geoordeeld dat ten tijde van de aanwijzing van Crane Services als partij bij de overeenkomst, niet de situatie bestond dat [eiser 1] moest weten dat Crane Services toerekenbaar tekort zou schieten in de nakoming van de overeenkomst (zie rov. 4.22 en 4.10 t/m 4.15). Uit het bestreden arrest blijkt ook anderszins niet dat [eiser 1] in dezen een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt. Nu het hof persoonlijke aansprakelijkheid van [eiser 1] heeft aangenomen maar uit het arrest niet blijkt dat [eiser 1] van de gedragingen die hem als (indirect) bestuurder van Crane Services verweten worden, een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt, getuigt het oordeel van het hof daaromtrent van een onjuiste rechtsopvatting of is het oordeel op dat punt onvoldoende gemotiveerd. Dit betekent dat onderdelen […]”

r.o. 3.11

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:PHR:2014:2243
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Soort
Conclusie
Datum uitspraak
21 november 2014
Datum publicatie
6 februari 2015
Spoor
Art. 6:162 BW
Wetsartikelen
6:162 BW, 6:248 BW
Thema
Bestuurdersaansprakelijkheid
Aangesproken
bestuurder
Uitkomst aansprakelijkheid
afgewezen
Weekoverzicht
Week 47 van 2014

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.