← Week 30

Rechtbank Amsterdam · 10 juli 2026

Nietig VvE-besluit dat vakantieverhuur toestaat in strijd met splitsingsakte

  • Besluitvorming en vernietigbaarheid
  • Vereniging, stichting en coöperatie
  • Boek 2 BW

Samenvatting

Een appartementseigenaar vraagt de kantonrechter een VvE-besluit nietig te verklaren of te vernietigen dat tijdelijke vakantieverhuur door een andere eigenaar toestaat. De kantonrechter oordeelt dat vakantieverhuur strijdig is met de akte van hoofdsplitsing en dat de VvE daarvoor geen toestemming kon geven, zodat het besluit nietig is op grond van artikel 2:14 BW jo 5:129 BW. Ten overvloede zou het besluit ook vernietigbaar zijn wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid (artikel 2:8 jo 2:15 BW). De tegenverzoeken zijn niet-ontvankelijk.

Kernoverwegingen

“Op grond van artikel 2:14 lid 1 jo 5:129 lid 1 BW is een besluit van de VvE dat in strijd is met de akte van splitsing nietig.”

r.o. 4.2

“Als een besluit van de VvE in strijd is met de redelijkheid en billijkheid, dan is het besluit vernietigbaar (artikel 2:8 jo 2:15 lid 1 sub b BW). De vernietiging van een besluit geschiedt door een uitspraak van de kantonrechter. Deze toets is een marginale toets; het gaat erom of de vergadering bij afweging van alle bij het besluit betrokken belangen in redelijkheid en billijkheid tot het besluit heeft kunnen komen.

uitleg akte van splitsing”

r.o. 4.3

“Uit beide reglementen volgt echter uit de laatste zin van artikel 25 lid 1 dat door de vereniging (in het geval van de hoofdsplitsing: de hoofd-VvE en in het geval van ondersplitsing: de onder-VvE) toestemming kan geven voor afwijkend gebruik. Het betreft dan het verlenen van een persoonlijk en tijdelijk recht. In het geval van de VvE (dit is dus de onder-VvE) wordt de mogelijkheid van afwijking wel begrenst door het reglement of het huishoudelijk reglement van de hoofdsplitsing en de daarop gebaseerde besluiten van de vergadering van de hoofdsplitsing (zie artikel 47 lid 5 reglement ondersplitsing). Dit betekent dat de VvE geen toestemming kan geven voor vakantieverhuur omdat dit gebruik in strijd is met de akte van hoofdsplitsing: daarin staat immers dat incidentele vakantieverhuur niet is toegestaan. Dit betekent dat het besluit van de VvE nietig is.”

r.o. 4.7

Gegevens

ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2026:7160
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Soort
Uitspraak
Datum uitspraak
10 juli 2026
Datum publicatie
21 juli 2026
Spoor
Boek 2 BW
Wetsartikelen
2:14 BW, 2:8 BW, 2:15 BW, 5:129 BW, 5:130 BW
Thema
Besluitvorming en vernietigbaarheid, Vereniging, stichting en coöperatie
Weekoverzicht
Week 30 van 2026

Delen

LinkedInE-mail

Deze samenvatting is automatisch gemaakt met AI en kan fouten bevatten. Het is geen juridisch advies. De uitspraak op rechtspraak.nl is leidend.