Rechtbank Limburg · 11 maart 2026
Verzet: bestuurders aannemer niet persoonlijk aansprakelijk voor gebrekkige dakrenovatie
- Aansprakelijkheid afgewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
Samenvatting
Opdrachtgevers van een dakrenovatie sprakenvennootschappen en bestuurders aan voor de gebrekkige uitvoering, nadat de aannemende vennootschap failliet was gegaan. De rechtbank oordeelt in verzet dat de failliete vennootschap de contractspartij was en dat niet is gesteld dat de bestuurders een persoonlijk ernstig verwijt treft: geen schending van de Beklamelnorm, geen verhaalsfrustratie en geen Comsys-aansprakelijkheid. Onbehoorlijk bestuur op grond van de artikelen 2:9 en 2:248 BW is een vordering van de vennootschap of de curator. Het verstekvonnis wordt vernietigd en de vorderingen worden afgewezen.
Kernoverwegingen
“Voor wat betreft de vraag of [aannemer 2] en [persoon 2] als middellijk bestuurders van Soltectum Groep B.V. aansprakelijk gehouden kunnen worden voor de geleden schade, stelt de rechtbank voorop dat als uitgangspunt heeft te gelden dat alleen Soltectum Groep B.V. als contractspartij tot schadevergoeding kan worden aangesproken. Voor aansprakelijkheid van bestuurders van de vennootschap op grond van artikel 6:162 BW bestaat alleen ruimte wanneer hen een persoonlijk ernstig verwijt kan worden gemaakt.”
r.o. 4.7
“Dit kan onder meer het geval zijn wanneer de bestuurders van de contractspartij bij het aangaan van de overeenkomst wisten of behoorden te weten dat de contractspartij deze niet zou kunnen nakomen en geen verhaal zou resteren (de zogenaamde Beklamelnorm).De rechtbank overweegt dat door [opdrachtgevers] geen concrete feiten of omstandigheden zijn gesteld waaruit – indien bewezen – blijkt dat [persoon 2] en [aannemer 2] als bestuurders van Soltectum Groep B.V. een dergelijk persoonlijk ernstig verwijt valt te maken. Tijdens de zitting heeft de raadsman van [opdrachtgevers] desgevraagd bevestigd dat de vordering op basis van schending van de zogenaamde Beklamelnorm geen stand kan houden.”
r.o. 4.8
“De grondslag voor de bestuurdersaansprakelijkheid zou dan zijn gelegen in verhaalsfrustratie door de bestuurders. Deze norm houdt in dat persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder van de vennootschap kan worden aangenomen wanneer deze nadien heeft bewerkstelligd of toegelaten dat de vennootschap haar wettelijke of contractuele verplichtingen niet nakomt en ook geen verhaal biedt voor de als gevolg daarvan optredende schade en de bestuurder daarvan een persoonlijk ernstig verwijt kan worden gemaakt. Hoewel daar tijdens de zitting naar is gevraagd, hebben [opdrachtgevers] echter geen concrete feiten of omstandigheden naar voren kunnen brengen waaruit kan worden afgeleid dat door [persoon 2] of [aannemer 2] vermogen aan Soltection Groep B.V. zou zijn onttrokken met het oogmerk om nakoming of verhaal door [opdrachtgevers] te frustreren. [opdrachtgevers] hebben bovendien onbestreden gelaten de uitleg van [persoon 2] en [aannemer 2] dat Soltection Concept B.V. alleen een vergoeding (“fee”) voor het verrichten van acquisitie en verkoopwerkzaamheden behield (in het geval van [opdrachtgevers] ongeveer € 3.500,-) en het restant van de betalingen aan Soltection Groep B.V. toekwam. Dat [opdrachtgevers] bevrijdend betaalden aan Soltection Concept B.V. voor de door Soltection Groep B.V. verrichte en te verrichten werkzaamheden maakt niet dat sprake is van een sterfhuisconstructie of verhaalsfrustratie. Dit geldt temeer niet nu de rechtbank als onbetwist dient aan te nemen dat […]”
r.o. 4.9