Rechtbank Midden-Nederland · 10 juli 2026
Heropening vereffening ontbonden vennootschap wegens mogelijke bate op derdengeldrekening
- Ontbinding, vereffening en turboliquidatie
- Boek 2 BW
Samenvatting
De rechtbank heropent op grond van artikel 2:23c BW de vereffening van een ontbonden besloten vennootschap omdat mogelijk een bate bestaat op een derdengeldenrekening van een notariskantoor. De voormalig middellijk bestuurder is belanghebbende en wordt tot vereffenaar benoemd. De medeverzoeker, die optreedt als procesfinancier en adviseur, is geen belanghebbende en wordt niet-ontvankelijk verklaard.
Kernoverwegingen
“Uitgangspunt bij de beoordeling van een verzoek op grond van artikel 2:23c van het Burgerlijk Wetboek (BW) is het volgende. Indien na het tijdstip waarop een rechtspersoon is opgehouden te bestaan nog een schuldeiser of gerechtigde tot het saldo opkomt of van het bestaan van een bate blijkt, kan de rechtbank op verzoek van een belanghebbende de vereffening heropenen en zo nodig een vereffenaar benoemen. Voor toewijzing van het verzoek is voldoende dat de door de verzoeker gestelde vordering en/of bate voldoende aannemelijk is om toewijzing van het verzoek te rechtvaardigen.
Het verzoek van [verzoeker sub 1] wordt toegewezen”
r.o. 3.2
“[verzoeker sub 1] is belanghebbende bij het verzoek omdat hij voormalig (middellijk) bestuurder van [vereffenaar] is. [verzoeker sub 1] is namelijk bestuurder van de stichting [stichting] , die op haar beurt weer bestuurder was van [vereffenaar] .”
r.o. 3.3
“Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk gemaakt dat er sprake is van een noodzaak tot heropening van de vereffening. Ook is gebleken van de noodzaak van benoeming van een vereffenaar. De heer H.F. [verzoeker sub 1] , de in het verzoekschrift voorgestelde vereffenaar, zal als zodanig worden benoemd.”
r.o. 3.6