Rechtbank Noord-Nederland · 7 september 2026
Ontslag op staande voet statutair bestuurder; artikel 2:244 lid 3 BW; billijke vergoeding
- Overig Boek 2
- Boek 2 BW
- Zijdelings
Samenvatting
Een statutair bestuurder die door de AvA is ontslagen en vervolgens op staande voet, vecht dat ontslag aan; na het faillissement van de vennootschap vorderen de curatoren terugbetaling van loon over de opzegtermijn. De rechtbank oordeelt dat er geen dringende reden was en kent onder meer een billijke vergoeding toe. Boek 2 speelt een beperkte rol: artikel 2:244 lid 3 BW sluit vernietiging van de arbeidsrechtelijke opzegging van een bestuurder uit en het vennootschapsrechtelijke ontslagbesluit is niet aangevochten.
Kernoverweging
“Dat een werknemer die ook bestuurder is geen vernietiging kan vragen van een arbeidsrechtelijke opzegging, zoals een ontslag op staande voet, volgt ook uit artikel 2:244 lid 3 BW. Volgens dat artikel kan door de rechter namelijk geen veroordeling tot herstel van de arbeidsovereenkomst tussen de vennootschap en de bestuurder worden uitgesproken. Artikel 2:244 lid 3 BW staat overigens alleen in de weg aan de vernietiging van een arbeidsrechtelijke opzegging, niet aan de nietigheid of vernietiging van een vennootschapsrechtelijk ontslag(besluit). Dat is echter niet verzocht, zodat de rechtbank ervan uit dient te gaan dat het vennootschapsrechtelijk ontslagbesluit onaantastbaar is.”
r.o. 4.6