Week 28
Week 28 · 10 jul – 16 jul 2006 · 2 uitspraken
Boek 2 BW (2)
ABN AMRO/Dijkema
Tegenstrijdig belang artikel 2:256 BW: onderzoeksplicht bank bij holding als bestuurder en enig aandeelhouder
- Overig Boek 2
- Besluitvorming en vernietigbaarheid
- Boek 2 BW
De curator in de faillissementen van een holding en twee dochtervennootschappen vorderde van een bank de creditsaldi van de dochters, omdat de holding als bestuurder de dochters bij hoofdelijkheidsakten niet kon vertegenwoordigen wegens tegenstrijdig belang. De Hoge Raad bevestigt dat een uitdrukkelijk aandeelhoudersbesluit nodig is om een bijzondere vertegenwoordiger aan te wijzen, ook als de bestuurder enig aandeelhouder is. Een derde die aanleiding heeft tot twijfel, moet onderzoek doen naar de bevoegdheid. Het beroep van de bank op artikel 3:61 lid 2 BW en op redelijkheid en billijkheid faalt.
ECLI:NL:HR:2006:AV6954
Tegenstrijdig belang artikel 2:256 BW en onderzoeksplicht bank bij concernkrediet
- Overig Boek 2
- Besluitvorming en vernietigbaarheid
- Boek 2 BW
Een bank sloot een concernkrediet waarbij een holding namens haar dochters tekende, zonder dat de aandeelhoudersvergadering van de dochters uitdrukkelijk een bijzondere vertegenwoordiger had aangewezen. De A-G bespreekt artikel 2:256 BW (tegenstrijdig belang) en concludeert dat een uitdrukkelijk aanwijzingsbesluit nodig is en dat een professionele kredietverlener een beperkte onderzoeksplicht heeft. Hij concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.
ECLI:NL:PHR:2006:AV6954