← Archief 2022

Week 20

Week 20 · 16 mei – 22 mei 2022 · 3 uitspraken

Boek 2 BW (2)

  • Hoge Raad · 20 mei 2022

    Artikel 6:235 BW en artikel 2:403 BW: geconsolideerde jaarrekening sluit beroep op terhandstelling uit

    • Jaarrekening
    • Overig Boek 2
    • Boek 2 BW

    Na een silobrand door broei in opgeslagen houtpellets beroept de bewaargever zich op vernietiging van de algemene voorwaarden van de bewaarnemer wegens niet-terhandstelling. De Hoge Raad oordeelt dat dit beroep is uitgesloten op grond van artikel 6:235 lid 1 onder a BW, omdat de geconsolideerde jaarrekening van de groep waartoe de bewaargever behoort daadwerkelijk is openbaar gemaakt. Niet is vereist dat aan alle vereisten van artikel 2:403 lid 1 BW is voldaan. Alleen een rekenfout in het dictum wordt hersteld.

    ECLI:NL:HR:2022:719

  • Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 20 mei 2022

    Cassatie in belang der wet: informatie over lopende civiele procedures aan derden

    • Overig Boek 2
    • Boek 2 BW
    • Zijdelings

    De conclusie gaat over de vraag of gerechten verplicht zijn informatie over lopende civiele procedures aan derden te verstrekken, in verband met de openbaarheid van rechtspraak. Boek 2 BW speelt alleen een zijdelingse rol: het wordt genoemd als voorbeeld van verzoekschriftzaken die op de handelsrol worden bijgehouden.

    ECLI:NL:PHR:2022:533

Art. 6:162 BW – bestuurder of aandeelhouder in persoon (1)

  • Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 20 mei 2022

    Bestuurder persoonlijk aansprakelijk: gewone onrechtmatige daad of externe bestuurdersaansprakelijkheid?

    • Aansprakelijkheid toegewezen
    • Bestuurdersaansprakelijkheid
    • Art. 6:162 BW

    Een bestuurder wordt door het hof persoonlijk en hoofdelijk naast zijn vennootschap aansprakelijk gehouden wegens beledigend gedrag dat de samenwerking frustreerde. De A-G laat in het midden of dit externe bestuurdersaansprakelijkheid of een gewone onrechtmatige daad betreft. In beide lezingen houdt het oordeel geen stand, wegens een verrassingsbeslissing respectievelijk de onjuiste maatstaf. Hij concludeert tot vernietiging en verwijzing, zodat het verwijzingshof het persoonlijk ernstig verwijt moet beoordelen.

    ECLI:NL:PHR:2022:497