Week 7
Week 7 · 15 feb – 21 feb 2010 · 2 uitspraken
Boek 2 BW (2)
Bevoegdheden van door de rechter benoemde tijdelijk bestuurder van stichting
- Vereniging, stichting en coöperatie
- Besluitvorming en vernietigbaarheid
- Boek 2 BW
Een door de rechter benoemde tijdelijk bestuurder van een stichting heeft, tenzij de rechter anders bepaalt, alle wettelijke en statutaire bevoegdheden, ook om bestuurders te benoemen en te ontslaan. Moet hij terughoudend zijn, dan leidt overschrijding daarvan niet tot nietigheid op grond van artikel 2:14 BW, maar hooguit tot vernietigbaarheid binnen de termijn van artikel 2:15 BW. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep.
ECLI:NL:HR:2010:BK5989
Bevoegdheden van door rechter benoemde tijdelijk bestuurder van stichting; benoeming en ontslag bestuurders
- Vereniging, stichting en coöperatie
- Besluitvorming en vernietigbaarheid
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
Een rechtbank benoemde bij voorlopige voorziening op grond van artikel 2:298 lid 2 BW een tijdelijk bestuurder van een stichting. Die benoemde drie nieuwe bestuurders en ontsloeg samen met hen de geschorste bestuurder. De A-G concludeert dat een tijdelijk bestuurder dezelfde bevoegdheden kan hebben als een permanent bestuurder, mits de rechter dat zo bepaalt, en dat het cassatieberoep moet worden verworpen.
ECLI:NL:PHR:2010:BK5989