Week 48
Week 48 · 28 nov – 4 dec 2016 · 3 uitspraken
Boek 2 BW (3)
Enquête: afschrift van openbaar onderzoeksverslag aan derde (artikel 2:353 lid 2 BW)
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
De OK had bepaald dat een enquêteverslag op grond van artikel 2:353 lid 2 BW voor een ieder ter inzage ligt en stuurde later een kopie aan een derde die daarom verzocht. De Hoge Raad oordeelt dat een zo openbaar gemaakt verslag ook in afschrift aan een belangstellende mag worden verstrekt. Noch de tekst, noch de wetsgeschiedenis van de bepaling staat daaraan in de weg. Het cassatieberoep tegen de afwijzing van het gevorderde verbod wordt verworpen.
ECLI:NL:HR:2016:2740
Artikel 2:248 BW: kennelijk onbehoorlijke taakvervulling bij fietsverzekeringen via Antilliaanse verzekeraar
- Aansprakelijkheid afgewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
Een curator spreekt de bestuurder van een failliete vennootschap aan op grond van artikel 2:248 BW wegens kennelijk onbehoorlijke taakvervulling. De vennootschap verkocht verzekeringen die waren ondergebracht bij een verzekeraar die geen schades meer uitkeerde. De A-G acht het oordeel van het hof dat sprake is van kennelijk onbehoorlijke taakvervulling juist, omdat het samenstel van omstandigheden het oordeel draagt, en concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.
ECLI:NL:PHR:2016:1232
Bestuurdersaansprakelijkheid moedervennootschap voor lege projectvennootschap na onterechte ontbinding koopovereenkomst
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
Een lege projectvennootschap ontbond ten onrechte een koopovereenkomst voor kantoorruimte; de verkoper sprak ook de bestuurder (de moedervennootschap) persoonlijk aan uit onrechtmatige daad. Het hof nam een ernstig persoonlijk verwijt aan omdat de bestuurder de vennootschap niet van middelen voorzag. De A-G concludeert tot verwerping van het cassatieberoep: beslissend zijn de voorzienbare gevolgen van een ongerechtvaardigde ontbinding voor een vennootschap die van haar bestuurder afhankelijk is. Ook de schadebegroting naar analogie van artikel 7:36 BW houdt stand.
ECLI:NL:PHR:2016:1237