Week 41
Week 41 · 5 okt – 11 okt 2020 · 3 uitspraken
Boek 2 BW (3)
Enquête: cassatieberoep tegen OK-beschikking blijft ontvankelijk na einde enquêteprocedure
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
In een enquêteprocedure stelden de verzoekers tijdig cassatieberoep in tegen een beschikking van de OK. Daarna eindigde de enquêteprocedure onherroepelijk. De Hoge Raad oordeelt dat het cassatieberoep daardoor niet niet-ontvankelijk wordt: ook na het einde van de enquêteprocedure kan een eerder gegeven OK-beschikking in cassatie worden getoetst. De klachten leiden niet tot cassatie en het beroep wordt verworpen.
ECLI:NL:HR:2020:1593
Maatschap als partij bij meerpartijenovereenkomst; tekortkoming en ongedaanmaking; ondeelbare rechtsverhouding maten
- Personenvennootschappen
- Boek 2 BW
- Personenvennootschappen
Een investeerder ontbond een meerpartijenovereenkomst met een maatschap, haar maten en betrokken vennootschappen en vorderde terugbetaling van een voorschot en schadevergoeding. De A-G concludeert dat de maatschap als contractspartij tekortschoot omdat ook de redelijkheid en billijkheid haar verplichtingen bepaalt. De ongedaanmakingsverbintenis rust niet op de maatschap, omdat zij het voorschot niet ontving. Het beroep tegen mede-geïntimeerde maten is niet-ontvankelijk, omdat geen sprake is van een processueel ondeelbare rechtsverhouding.
ECLI:NL:PHR:2020:919
Onmiddellijke voorzieningen in enquête bij coöperatie met drie leden en patstelling
- Enquêterecht
- Vereniging, stichting en coöperatie
- Besluitvorming en vernietigbaarheid
- Boek 2 BW
In een enquêteprocedure bij een coöperatie met drie leden heeft de OK bij wijze van onmiddellijke voorziening een tijdelijk bestuurder en een tijdelijk commissaris met een doorslaggevende stem benoemd en de statutaire besluitvormingsdrempels aangepast om een patstelling te doorbreken. De A-G bespreekt de ruimte van de OK onder artikel 2:349a BW, de uitleg van de doorslaggevende stem en de motiveringseisen. Hij concludeert dat het cassatieberoep van het lid dat zich tegen deze voorzieningen verzet geen doel treft.
ECLI:NL:PHR:2020:925