Week 26
Week 26 · 22 jun – 28 jun 2009 · 8 uitspraken
Boek 2 BW (7)
Enquêteverzoek bij failliete vennootschap (KPNQwest): doeleinden enquêterecht en uitvoerbaarheid onderzoek
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
De Hoge Raad oordeelt dat een enquêteverzoek ook toewijsbaar kan zijn bij een failliete rechtspersoon, omdat openheid van zaken en vaststelling van verantwoordelijkheid voor wanbeleid tot de doeleinden van het enquêterecht behoren. Hij komt niet terug van zijn rechtspraak sinds Ogem. De OK heeft een discretionaire bevoegdheid en hoeft de financiële uitvoerbaarheid van het onderzoek niet vooraf vast te stellen, behoudens uitzonderlijke omstandigheden. Het cassatieberoep wordt verworpen.
ECLI:NL:HR:2009:BD5516
Enquête KPNQwest: OK mag onderzoek stopzetten bij ontbreken financiële middelen
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
Na een bevolen enquête ontbrak het grootste deel van de financiering voor het onderzoek. De OK besloot de procedure te beëindigen, tenzij binnen een gestelde termijn het volledige begrote bedrag beschikbaar zou worden gesteld. De Hoge Raad oordeelt dat de OK bevoegd is een bevolen onderzoek niet te laten doorgaan als de benodigde middelen ontbreken en dat zij een termijn voor zekerheidstelling mag bepalen. Het cassatieberoep tegen brieven van de OK-secretaris is niet-ontvankelijk.
ECLI:NL:HR:2009:BH6537
Enquête Qwest/KPN: cassatieberoep tegen brief OK-secretaris niet-ontvankelijk
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
In een enquêteprocedure bij de OK stellen de vennootschap, haar moedermaatschappijen en enkele personen cassatieberoep in tegen een brief van de secretaris van de OK en de beschikking tot aanwijzing van de onderzoekers. De Hoge Raad verklaart het beroep tegen de brief niet-ontvankelijk, omdat die geen beslissing bevat die ingrijpt in de rechten van partijen. Het beroep tegen de beschikking strandt bij gebrek aan feitelijke grondslag, omdat de klachten in twee samenhangende zaken niet slagen.
ECLI:NL:HR:2009:BI0216
Conclusie: enquête naar failliete vennootschap en doeleinden enquêterecht (KPNQwest)
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
In deze conclusie over een enquêteverzoek naar een failliete beursgenoteerde vennootschap gaat het om de vraag of openheid van zaken en vaststelling van verantwoordelijkheid zelfstandige doeleinden van het enquêterecht zijn. De A-G meent van wel en ziet geen reden om terug te komen op de Ogem-rechtspraak. Een enquête naar een failliete vennootschap is daarom mogelijk. Onzekerheid over de financiering van het onderzoek staat inhoudelijke behandeling in beginsel niet in de weg. Hij concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.
ECLI:NL:PHR:2009:BD5516
Enquête KPNQwest: beëindiging onderzoek bij ontbrekende financiering
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
In een enquêtezaak over een failliete telecomvennootschap ontbreekt financiering voor het onderzoek. De OK beëindigt de procedure voorwaardelijk. De A-G concludeert dat de OK die bevoegdheid aan de goede procesorde kan ontlenen, mits zij de belangen zorgvuldig afweegt. Het cassatieberoep tegen twee brieven van de secretaris is niet-ontvankelijk en voor het overige strekt de conclusie tot verwerping.
ECLI:NL:PHR:2009:BH6537
Enquête Qwest: cassatie tegen ontvangstbevestiging en onderzoekersbenoeming; faillissementsenquête en financiering
- Enquêterecht
- Boek 2 BW
Een conclusie in een enquêtezaak over een failliete vennootschap. Het cassatieberoep richt zich tegen een ontvangstbevestiging van de secretaris van de OK en tegen de beschikking waarbij onderzoekers zijn aangewezen. De A-G concludeert tot niet-ontvankelijkheid ten aanzien van de ontvangstbevestiging en tot verwerping voor het overige, onder verwijzing naar zijn conclusies in de samenhangende zaken over de doelen van het enquêterecht en de financiering van een faillissementsenquête.
ECLI:NL:PHR:2009:BI0216
Beklamel-aansprakelijkheid bestuurder bij ongeclausuleerde kapitaalinstandhoudingsverklaring; objectieve wetenschapsmaatstaf
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
In een conclusie bij de Hoge Raad gaat het om de persoonlijke aansprakelijkheid van een bestuurder die namens zijn vennootschap een kapitaalinstandhoudingsverklaring afgaf, terwijl nakoming niet in alle gedekte omstandigheden mogelijk was. De A-G meent dat de wetenschap van de bestuurder bij de Beklamel-norm in zekere mate geobjectiveerd moet worden en dat het hof de norm juist toepaste. Ook de schadebegroting naar het negatief belang acht hij juist. Hij concludeert tot verwerping van het principale en het incidentele beroep.
ECLI:NL:PHR:2009:BI0468
Art. 6:162 BW – bestuurder of aandeelhouder in persoon (1)
Kloosterbrink/Eurocommerce
Bestuurdersaansprakelijkheid wegens afgeven ongeclausuleerde kapitaalinstandhoudingsverklaring zonder verhaal
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Art. 6:162 BW
Een aandeelhouder-vennootschap en haar bestuurder gaven een kapitaalinstandhoudingsverklaring af voor een gezamenlijke dochter, terwijl de medeaandeelhouder niet werd gewaarschuwd dat nakoming afhing van een externe financier. De Hoge Raad bevestigt dat de bestuurder persoonlijk aansprakelijk is omdat hij wist of moest begrijpen dat de vennootschap niet kon nakomen en geen verhaal bood. Wetenschap wordt naar objectieve maatstaven beoordeeld en de schade betreft het negatieve contractsbelang.
ECLI:NL:HR:2009:BI0468