Week 14
Week 14 · 5 apr – 11 apr 2010 · 4 uitspraken
Boek 2 BW (2)
Bestuurdersaansprakelijkheid jegens curator ex artikel 2:248 BW; cassatieberoep verworpen (artikel 81 RO)
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
De curator in het faillissement van een B.V. sprak de bestuurder aan op grond van artikel 2:248 lid 1 BW wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur. Het hof had de bestuurder aansprakelijk geacht, mede na een eiswijziging in hoger beroep die voortvloeide uit een nieuwe grief bij pleidooi. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep met toepassing van artikel 81 RO, zodat de aansprakelijkheid in stand blijft.
ECLI:NL:HR:2010:BL3290
Middellijk bestuurder aansprakelijk voor faillissementstekort ex artikel 2:248 en 2:11 BW
- Aansprakelijkheid toegewezen
- Bestuurdersaansprakelijkheid
- Jaarrekening
- Boek 2 BW
- Art. 6:162 BW
De curator vordert van de bestuurder van een holding, die enig bestuurder was van een failliete dochter-B.V., het faillissementstekort op grond van artikel 2:248 BW. De A-G ziet geen onjuiste rechtsopvatting in het oordeel dat de holding kennelijk onbehoorlijk bestuur heeft gepleegd en dat de aansprakelijkheid krachtens artikel 2:11 BW doorwerkt naar de middellijk bestuurder. Een beroep op disculpatie en op een fiscale eenheid faalt. De A-G concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.
ECLI:NL:PHR:2010:BL3290
Personenvennootschappen (maatschap, vof, cv) (2)
Maatschap: inbreng economische eigendom landerijen en verrekening waardeverandering bij vereffening
- Personenvennootschappen
- Personenvennootschappen
Na ontbinding van een maatschap ging het om landerijen waarvan de economische eigendom in de maatschap was ingebracht. De Hoge Raad oordeelt dat zo'n goed niet aan de maten gezamenlijk toebehoort en niet in een gemeenschap valt. Een eventuele waardeverandering wordt bij vereffening verrekend volgens de afgesproken winst- en verliesverdeling. Het arrest van het hof, dat uitging van vergoeding van de volledige waardevermeerdering, wordt vernietigd.
ECLI:NL:HR:2010:BL1127
Maatschap: inbreng economische eigendom en peildatum waardering bij verdeling
- Personenvennootschappen
- Personenvennootschappen
Na ontbinding van een maatschap van moeder en zoon gaat het om de afwikkeling van landerijen waarvan de economische eigendom in de maatschap is ingebracht. De plaatsvervangend procureur-generaal concludeert dat zulke landerijen niet in de vennootschappelijke gemeenschap vallen en dat waardeveranderingen tot de ontbinding voor rekening van de maatschap komen, terwijl latere veranderingen voor rekening van de inbrenger blijven. Het hof had ten onrechte de datum van vereffening als peildatum genomen; de conclusie strekt tot vernietiging en verwijzing.
ECLI:NL:PHR:2010:BL1127