← Archief 2007

Week 37

Week 37 · 10 sep – 16 sep 2007 · 6 uitspraken

Boek 2 BW (6)

  • Hoge Raad · 14 september 2007

    Uitstoting minderheidsaandeelhouders via driehoeksfusie en uitkoop na openbaar bod

    • Uitkoop
    • Enquêterecht
    • Fusie en splitsing
    • Boek 2 BW

    Na een openbaar bod op een beursvennootschap wilde de bieder de minderheidsaandeelhouders uitstoten via een driehoeksfusie die hun belang onder de uitkoopgrens van 5% zou brengen, gevolgd door uitkoop. De Hoge Raad oordeelt dat de uitkoopregeling niet eraan in de weg staat en dat een dergelijke constructie niet zonder meer in strijd is met de redelijkheid en billijkheid of met het EVRM. Het cassatieberoep tegen de afwijzing van de onmiddellijke voorzieningen wordt verworpen.

    ECLI:NL:HR:2007:BA4117

  • Hoge Raad · 14 september 2007

    Enquête: onmiddellijke voorzieningen, tegenstrijdig belang commissarissen en code-Tabaksblat bij groepsmaatschappij

    • Enquêterecht
    • Overig Boek 2
    • Boek 2 BW

    Minderheidsaandeelhouders van een beursvennootschap die groepsmaatschappij was geworden, verkregen bij de OK onmiddellijke voorzieningen: een verbod om van de code-Tabaksblat af te wijken en de benoeming van drie commissarissen. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep. Hij laat de OK een ruime beoordelingsmarge. Voor tegenstrijdig belang is voldoende dat in redelijkheid kan worden betwijfeld of commissarissen zich uitsluitend laten leiden door het belang van de vennootschap. De eisen van de code gelden ook voor een groepsmaatschappij, afhankelijk van de omstandigheden.

    ECLI:NL:HR:2007:BA4887

  • Hoge Raad · 14 september 2007

    Versatel II

    Reikwijdte onmiddellijke voorzieningen OK: afwijking van dwingend recht en code-Tabaksblat

    • Enquêterecht
    • Overig Boek 2
    • Boek 2 BW

    In een enquêteprocedure had de OK als onmiddellijke voorziening commissarissen benoemd met exclusieve bevoegdheid voor transacties met de groep van de nieuwe grootaandeelhouder, en de vennootschap verboden af te wijken van de corporate governance code. De Hoge Raad oordeelt dat de OK op grond van artikel 2:349a BW ook van dwingend recht mag afwijken, mits de voorziening voorlopig is, noodzakelijk blijkt en een billijke belangenafweging heeft plaatsgevonden. Het cassatieberoep wordt verworpen.

    ECLI:NL:HR:2007:BA4888

  • Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 14 september 2007

    Uitstoting minderheid via driehoeksfusie en uitkoop; artikel 1 Eerste Protocol

    • Uitkoop
    • Fusie en splitsing
    • Enquêterecht
    • Besluitvorming en vernietigbaarheid
    • Boek 2 BW

    In een enquêteprocedure rond een openbaar bod en een voorgenomen driehoeksfusie wordt de vraag voorgelegd of een bieder met minder dan 95% van de aandelen de minderheid mag uitstoten door haar belang via fusie onder de 5% te brengen en daarna uit te kopen. De A-G concludeert dat dit niet in het algemeen onrechtmatig is of in strijd met artikel 2:8 BW, de uitkoopregeling of artikel 1 Eerste Protocol EVRM. Het hangt af van alle omstandigheden, die de rechter kan toetsen via artikel 2:323 BW en artikel 2:15 BW. Hij concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.

    ECLI:NL:PHR:2007:BA4117

  • Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 14 september 2007

    Enquête: reikwijdte onmiddellijke voorziening OK en onafhankelijkheid commissarissen bij minderheidsaandeelhouders

    • Enquêterecht
    • Overig Boek 2
    • Boek 2 BW

    In deze conclusie beoordeelt de A-G of de OK in een enquêteprocedure bij een onmiddellijke voorziening mag afwijken van dwingend Boek 2-recht. Hij meent van wel, mits proportioneel en tijdelijk. Ook acht hij het niet onbegrijpelijk dat de OK nieuwe commissarissen benoemde en afwijking van de corporate governance code verbood, omdat bij de dochtervennootschap minderheidsaandeelhouders aanwezig waren. Hij concludeert tot verwerping van het cassatieberoep.

    ECLI:NL:PHR:2007:BA4887

  • Parket bij de Hoge Raad · conclusie · 14 september 2007

    Reikwijdte onmiddellijke voorziening OK; afwijking van dwingend recht en corporate governance code

    • Enquêterecht
    • Overig Boek 2
    • Boek 2 BW

    In een enquêteprocedure had de Ondernemingskamer als onmiddellijke voorziening commissarissen benoemd en afwijking van de corporate governance code verboden. In cassatie rijst de vraag of de Ondernemingskamer daarbij van dwingend Boek 2-recht mag afwijken. De A-G concludeert dat artikel 2:349a BW dat in bijzondere omstandigheden en onder voorwaarden toestaat. Hij concludeert tot verwerping van het beroep.

    ECLI:NL:PHR:2007:BA4888